
“Zelfmoord moet uit de taboesfeer worden gehaald”, zeggen artsen/onderzoekers Susan van der Wiel en Filip Vanderoost. “Toen we de cijfers aan onze patiënten voorlegden, waren ze verbaasd en tegelijk opgelucht. Ze dachten dat ze alleen waren met hun gedachten.”
“Wat is de invloed van confrontatie met ontslag op de gezondheid van een persoon?” Dat vroegen Filip Vanderoost (27) en Susan van der Wielen (29) zich af in 2009 – ze waren toen nog studenten geneeskunde – toen de ergste financieel-economische crisis van de laatste 50 jaar de arbeidsmarkt hevig door elkaar schudde en er bij herstructureringen en faillissementen tal van collectieve ontslagen vielen. De klappen vielen vooral in de lagere sociaaleconomische klassen. In dat jaar zetten zij een onderzoek op, in samenwerking met de Universiteit Antwerpen en de Vrije Universiteit Brussel.
Intussen zijn de twee als huisartsen aan de slag, Filip Vanderoost in Schaarbeek, Susan van der Wielen in Deurne, beiden in een groepspraktijk van Geneeskunde voor het Volk. Ze zetten hun onderzoek voort, nu meer specifiek over de band tussen ontslag en suïcidale gedachten. Ze ondervroegen 377 patiënten in de groepspraktijken van Deurne en van La Louvière. Het zijn niet direct de grote getallen van grootse wetenschappelijke onderzoeken, zo beseffen de twee huisartsen zelf ook wel, maar ze vinden de verschillen tussen de risicogroep en de controlegroep zo groot dat er reden is om alle huisartsen te alarmeren over de problematiek.
Die verschillen zijn dan ook frappant. Eerst de cijfers van de risicogroep. Van de mensen die het voorbije jaar ontslagen waren, had liefst 36 procent aan zelfdoding gedacht. En bij werknemers die vreesden hun werk te verliezen lag dat cijfer op 28 procent. Bij patiënten die het laatste jaar geconfronteerd werden met ontslag in hun directe omgeving was dat 19 procent. Bij de controlegroep – de mensen die gerust waren over hun job – had maar op 10 procent zelfdodingsgedachten. En volgens de Nationale Gezondheidsenquête die de overheid zowat om de vier jaar organiseert, ligt dat cijfer voor de hele Belgische bevolking, zelfs maar op 4 procent.
“We mogen uit onze cijfers slechts voorzichtig conclusies trekken”, zeggen Vanderoost en van der Wielen, maar toch zijn de twee huisartsen danig geschrokken van het hoge percentage werknemers met zelfdodingsgedachten. En omdat de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) aangeeft dat ruim een kwart van de mensen met zelfdodingsgedachten ook effectief een poging onderneemt – waarvan 60 procent binnen het jaar – geven ze alle huisartsen de raad om veel meer aandacht te hebben voor werkonzekerheid en een mogelijke confrontatie met ontslag bij hun patiënten. “Het kan namelijk iets belangrijks vertellen over hun psychisch welzijn. Daarnaast moet het suïcideonderwerp uit de taboesfeer worden gehaald. Toen we deze cijfers aan onze patiënten voorlegden, waren ze verbaasd en tegelijk opgelucht. Ze dachten dat ze alleen waren met hun gedachten.”
Stelt minister van Werk De Coninck zich wel eens de vraag hoe werkloosheid, werkonzekerheid, precaire contracten… de gezondheid van een werknemer beïnvloeden, nu ze de jongeren zogezegd “maatschappelijk wil integreren” door hen te verplichten precaire contracten en onzekere jobs aan te nemen? Uit een vorig onderzoek van Geneeskunde voor het Volk bleek dat driekwart van de mensen tussen 55 en 65 jaar – de groep die onze politici langer willen laten werken – last had van minstens één chronische aandoening die hen het werken bemoeilijkt. Voor dat soort overwegingen zijn de politici blijkbaar totaal ongevoelig. En de verklaring daarvoor is te vinden in een onderzoek van Geneeskunde voor het Volk: mensen met een comfortabele job hebben daar veel minder last van.