Foto Patrick Van Hattem

Willen we de nachttrein nog inschakelen om mee de klimaatdoelstellingen van 2030 te halen, moeten we vandaag politieke beslissingen nemen. 2021 is door Europa uitgeroepen als “jaar van de trein”, maar verder gebeurt er helemaal niks mee. De verhoopte nachttrein tussen Brussel en het Zweedse Malmö is begraven. In een Europese aanbesteding werd geen enkel bod uitgebracht om de lijn uit te baten. Een teken aan de wand.

“Het is duidelijk dat de liberalisering van het Europese treinverkeer niet brengt wat beloofd werd,” reageert PVDA-volksvertegenwoordigster Maria Vindevoghel, lid van de commissie Mobiliteit. “Nachttreinen zijn nu eenmaal niet levensvatbaar zonder subsidies.

De PVDA herinnert minister van Mobiliteit Georges Gilkinet (Ecolo) aan zijn belofte om van Brussel een echte internationale treinhub te maken. Vindevoghel wil dat de minister de uitbouw van de nachttrein opneemt in het nieuwe beheerscontract van de NMBS en daar dan ook voldoende financiële middelen voor voorziet.

De sector voor het internationale treinverkeer werd vijftien jaar geleden opengesteld voor de vrije markt. Oppositiepartij PVDA noemt het resultaat dramatisch. “Op enkele zeer dure hogesnelheidstreinen na kan je vanuit België nauwelijks naar het buitenland sporen,” zegt Maria Vindevoghel. “Voor de doorsnee reiziger die pakweg 1000 kilometer moet afleggen, is de trein geen optie meer. De belofte van de Europese Commissie dat marktwerking tot meer en goedkopere treintickets zou leiden, blijkt niet te kloppen. Internationale verbindingen lopen stroef, nachttreinen zijn verdwenen, internationale coördinatie ontbreekt en tarieven zijn verhoogd.”

De laatste jaren groeit het besef dat het niet normaal is dat een vliegticket naar de andere kant van Europa evenveel kost als een doos pralines, terwijl het quasi onmogelijk geworden is om per trein naar Griekenland te sporen. Volgens de PVDA faalt de markt en blijven politici tevergeefs wachten op nieuwe marktinitiatieven om de ontspoorde nachttrein recht te trekken. “Willen we echt de nachttrein nieuw leven inblazen, dan moeten we dat als overheid zelf in handen nemen, er een openbare dienst van maken en die voldoende financieren. Dat kunnen we perfect doen via onze nationale spoorwegmaatschappij NMBS”, stelt Maria Vindevoghel voor.

In een nieuw beheerscontract, dat al sinds 2012 op zich laat wachten, wil de federale regering de NMBS doelstellingen opleggen om het spooraanbod te verbeteren. “Minister Gilkinet heeft dus de mogelijkheid om de NMBS te verplichten om een aanbod van nachttreinen vanuit Brussel, naar bijvoorbeeld Lyon en Rome, te voorzien. Waar wacht hij nog op”, vraagt Vindevoghel zich af. “De vrije markt kijkt enkel naar hoeveel winst er kan geboekt worden met een dienst of product. Als samenleving moeten we ook rekening houden met de ecologische winsten die de nachttreinen kunnen opleveren. Willen ze succesvol zijn, moeten we ze als publieke dienst uitbaten. Gilkinet wijst naar Europa maar vergeet zijn eigen rol in dit verhaal.”

Volg de PVDA op de voet