Ben Van Duppen is schepen voor de PVDA in Borgerhout. (Foto Karina Brys)

N-VA-voorzitter Bart De Wever zit met zijn hoofd duidelijk al bij de gemeenteraadsverkiezingen van 2024. En de schrik van coalities waar de PVDA mee bestuurt zit er goed in, want hij riep andere partijen op om de coalities met de PVDA op te blazen. PVDA-schepenen Ben Van Duppen (Borgerhout) en Steven De Vuyst (Zelzate) reageren.

door Steven De Vuyst en Ben Van Duppen

Borgerhout en Zelzate werden vorig weekend even de spil in een pre-electoraal politiek spel tussen N-VA en Vooruit. N-VA-voorzitter De Wever heeft er moeite mee dat de PVDA in deze twee lokale besturen mee het beleid uitmaakt (in Zelzate met Vooruit, in Borgerhout met Vooruit en Groen). “Als [Conner Rousseau, voorzitter Vooruit] met die communisten doorgaat, is hij diegene die een cordon sanitaire – als dat al moet bestaan – doorbreekt en blijft doorbreken”, liet hij zich ontvallen. Met die tegenstelling zet De Wever de vraag meteen op scherp. De keuze tussen een inclusief, sociaal, warm en verbindend “model-Borgerhout/Zelzate” of een kil, besparend en verdelend “model-De Wever”.

Ook al is het nog twee jaar tot de volgende gemeenteraadsverkiezingen, Bart De Wever zit met zijn hoofd duidelijk al in oktober 2024. Hij heeft schrik van coalities waar de PVDA mee bestuurt en zet onze partij daarom op dezelfde lijn als het racistische Vlaams Belang. Dat dit je reinste onzin is, dat het cordon sanitaire bestaat om racistische partijen te weren en dus hoegenaamd niet van toepassing kan zijn op een door en door antiracistische partij als de PVDA, kan het kleinste kind zien. Maar waarom is hij dan zo bang voor de PVDA in een bestuur? Wel, omdat wat we doen in Borgerhout en Zelzate helemaal anders is dan wat De Wever in Vlaanderen wil dicteren.

Sinds 2012 bestuurt de PVDA samen met Groen en Vooruit (voorheen sp.a) mee in het Antwerpse stadsdistrict Borgerhout. Een klein, dichtbevolkt en jong district waar de progressieve coalitie na zes jaar bestuur een ruime meerderheid scoorde en sindsdien op de ingeslagen linkse weg voortbouwt. Dat bestuur steekt schril af tegen het stadsbestuur van Antwerpen, waar De Wever himself de plak zwaait, maar het wordt duidelijk gesmaakt door de Borgerhoutenaar. Sinds 2018 is er een tweede gemeente bijgekomen waar de PVDA (samen met Vooruit) mee bestuurt: het Oost-Vlaamse Zelzate.

Het contrast tussen de progressieve linkse coalities en het model-De Wever is groot. In De Wever zijn model wordt er steevast gekozen om te besparen op mensen en dienstverlening, door bijvoorbeeld de ouderenzorg te privatiseren en te investeren in zinloze, peperdure prestigeprojecten zoals absurde ondertunneling van de Scheldekaaien of de onmogelijke fietsersbrug over de Schelde. In diezelfde stad breekt het district Borgerhout met dat kader van knippen en besparen. In de plaats is er een sociaal beleid en investeert het district in organisaties die mensen verbinden. Borgerhout zet in op solidariteit tussen mensen, in plaats van het ieder-voor-zich verdeel-en-heers verhaal van de stad. In tijden van crisis bespaart het model-De Wever op het middenveld en sociale en culturele organisaties. Borgerhout zet daar net op in, en dat werkt. Tijdens de coronacrisis had het district in no-time honderden vrijwilligers, in alle straten van Borgerhout, die actief elkaar hielpen. En die dat nog steeds doen.

De PVDA in het bestuur, dat betekent ook fundamenteel andere keuzes in gemeentebelastingen. De sterkste schouders dragen dan de zwaarste lasten. Kijk maar naar de eerlijke taxshift die Zelzate invoert. De oppervlaktebelasting werd aangepast, zodat multinationals verhoudingsgewijs zwaarder belast werden dan de lokale warme bakker. Dat kostte dertig grote bedrijven sinds 2020 samen 487.000 euro per jaar extra. Met dat geld verlaagde Zelzate de factuur van 600 kleine zelfstandigen en kmo’s, en halveerde het de milieubelasting voor de bevolking.

In Zelzate werd de oppervlaktebelasting aangepast, zodat multinationals verhoudingsgewijs zwaarder belast werden dan de lokale warme bakker.

De PVDA in het bestuur, dat betekent ook besparen op het politieke apparaat. Zoals in Zelzate, waar het gemeentebestuur het met twee schepenen minder doet. De besparing die dat oplevert, wordt geïnvesteerd in de strijd tegen kinderarmoede. Of zoals in Borgerhout, dat ervoor koos om de zitpenningen niet te verhogen zoals de andere districten, en met dat geld onder meer armoedeorganisaties te ondersteunen.

We betrekken de bewoners van a tot z om blijvend en zonder drempels draagvlak te creëren, ook dat is het model-Borgerhout/Zelzate. We luisteren en geven mensen vertrouwen. Sinds september zijn in Borgerhout bijvoorbeeld alle inwoners welkom om binnen te lopen en vragen te stellen op de districtsraad. Dat is besturen met en voor de mensen. Dat is helemaal anders dan de confrontatiepolitiek van het model-De Wever waarin enkel geluisterd wordt naar de grote bouwpromotoren, en waar men buurtbewoners en middenveldorganisaties links laat liggen.

In Borgerhout en Zelzate tonen we samen met onze coalitiepartners iedere dag dat een andere politiek mogelijk is in Vlaanderen. Met een linkse politiek die sociaal, inclusief en rechtvaardig is, heroveren we de harten van de mensen. We tonen aan dat er een alternatief bestaat voor Bart De Wevers koude besparingspolitiek die verdeelt en privatiseert. En het is precies dat wat niet in goede aarde valt op ’t Schoon Verdiep. Het model-Borgerhout/Zelzate is het antigif voor het model-De Wever. De keuze tussen deze twee modellen is dan ook de keuze die links en progressief Vlaanderen de komende jaren zal moeten maken.

Steven De Vuyst is schepen voor de PVDA in Zelzate
Ben Van Duppen is schepen voor de PVDA in Borgerhout