De repressie tegen de Oeigoeren in China en de nieuwe Koude Oorlog

Foto Kylie Nicholson / Shutterstock

“Steunen jullie China, als jullie zich onthouden bij de stemming over een resolutie ten voordele van de Oeigoeren?” Dat vroeg een journalist onlangs aan PVDA-Kamerfractieleider Raoul Hedebouw. Zijn antwoord: “Nee, we onthouden ons omdat we geen nieuwe Koude Oorlog willen van het ene blok tegen het andere. De laatste jaren zien we een stortvloed van resoluties tegen China. Wij zijn bezorgd over het lot van de Oeigoeren, maar we willen niet dat de VS en hun bondgenoten deze situatie uitbuiten.”1 Tekst en uitleg.

door Nabil Boukili, PVDA-volksvertegenwoordiger

Wij veroordelen de Chinese aanpak van de situatie in Xinjiang

De Chinese aanpak van de situatie in Xinjiang is problematisch. China wordt in die provincie al jaren geconfronteerd met jihadistische bewegingen en terroristische aanslagen. Tussen 1992 en 2013 was er een hele reeks aanslagen, waarvan de dodelijkste aan 200 mensen het leven kostte.2 Daarop koos de Chinese overheid voor een zeer repressieve aanpak.

Volgens een Chinees rapport van maart 2019 zijn er sinds 2014 in Xinjiang minstens 43.000 Oeigoeren veroordeeld voor terrorisme en illegale activiteiten. Dat is bijzonder veel, als je weet dat er slechts tien miljoen Oeigoeren wonen. Er zouden ook honderdduizenden andere Oeigoeren gedwongen worden om opleidings- en deradicaliseringsprogramma’s te volgen. Voor ons is dat een onaanvaardbare situatie, die wij veroordelen.

In een brief van 1 november 2019 spreken een dozijn deskundigen van de Verenigde Naties zich zeer kritisch uit over de toepassing van de Chinese antiterrorismewetten in Xinjiang: “Wij zijn ons bewust van de vele uitdagingen op het gebied van de veiligheid waarvoor China staat en van de plicht van de staat om de beveiliging en veiligheid van zijn bevolking te waarborgen, onder meer door een preventieve aanpak. Wij maken ons echter grote zorgen omdat de maatregelen in de antiterrorismewet om dit doel te bereiken noch noodzakelijk noch evenredig zijn. (...) De onevenredige nadruk van de autoriteiten op de onderdrukking van de rechten van de minderheden dreigt elk veiligheidsrisico te vergroten.”

Geen nieuwe koude oorlog

Tegelijkertijd moeten we niet naïef zijn. Achter de plotse belangstelling van verschillende westerse regeringen voor het lot van de Oeigoeren gaan ook andere belangen schuil. De economische en technologische vooruitgang van China bedreigt de wereldwijde dominantie van de Verenigde Staten en de westerse landen. De militaire organisatie NAVO en de Europese Unie noemen China een “systemische rivaal”.

De strategen in Washington willen zich niet laten doen en proberen op alle mogelijke manieren China te verzwakken: een handelsoorlog, een technologieoorlog (zie de conflicten rond Huawei en de uitrol van het 5G-netwerk), militaire bases en alliantieverdragen met de regionale concurrenten van China. Er is een nieuwe koude oorlog aan de gang en daarbij worden de geesten voorbereid op een echte oorlog.

Om die koude oorlog te voeden, worden alle argumenten gebruikt. Dat is niet nieuw. Aan elke oorlog gaat de demonisering van de tegenstander vooraf, en het Amerikaanse imperialisme heeft een groot track record in het opzetten van zwarte en grijze propaganda tegen landen die tegen zijn belangen ingaan. Iedereen herinnert zich de leugens over de massavernietigingswapens die de oorlog tegen Irak zijn voorafgegaan, en de leugens die de oorlog in Libië moesten rechtvaardigen. In die context moet men bijzonder omzichtig omgaan met feiten en bronnen. Sommige feiten worden verdraaid, andere uitvergroot of overdreven, om bepaalde geostrategische interventies te rechtvaardigen.

Ons standpunt is altijd geweest dat onze planeet niet gediend is met een nieuwe koude oorlog. Wereldwijd staan we daarmee niet alleen, integendeel. In juli 2020 ondertekenden 46 landen bij de Verenigde Naties een verklaring waarin zij de overdreven beschuldigingen aan het adres van China verwerpen.3 Landen uit het Zuiden, Rusland, Cuba, Nepal, maar ook zeventien moslimlanden zoals Palestina, Pakistan, Iran, Egypte, Irak, Jemen of zelfs Saoedi-Arabië.

“Een nieuwe koude oorlog tegen China druist in tegen de belangen van de mensheid.” Dat stelt No Cold War, een breed en wereldwijd initiatief, dat de steun krijgt van onder meer de bekende Britse regisseur Ken Loach, de voormalige Griekse minister van Financiën Yanis Varoufakis en van de Argentijnse Nobelprijswinnaar voor de Vrede Adolfo Pérez Esquivel.

We zien dat de Amerikaanse regering steeds agressievere verklaringen en acties richt tegen China. Die vormen een bedreiging voor de wereldvrede. (...) Wij steunen het als China en de VS hun betrekkingen baseren op wederzijdse dialoog en zich concentreren op de gemeenschappelijke problemen van de mensheid”, aldus de oproep.

De PVDA steunt dit initiatief. Een nieuwe koude oorlog – of welke oorlog ook – zal de planeet niets goeds opleveren, noch in China, noch in de Verenigde Staten, noch hier.

Geen koude oorlog zonder oorlogspropaganda

Over de beschuldigingen van seksueel geweld tegen de Oeigoeren in de kampen, schreef De Standaard onlangs: “Voor details daarover steunen de media al een tijd eenzijdig op onderzoeker Adrian Zenz. Die lost regelmatig verhalen met een handvol getuigenissen. Die zijn niet onproblematisch. Andrew Fischer, onderzoeker over Tibet en Xinjiang (Instituut Sociale Studies, Den Haag) ziet in het BBC-stuk ‘weinig bewijs voor een systematische, doelbewuste strategie van seksueel geweld vanuit Peking, al kan zoals in veel gevangeniscontexten wel sporadisch misbruik plaatsvinden.’ (...) Journalistiek gezien is de ‘methode-Zenz’ onbevredigend. Een beperkt empirisch bewijs gaat samen met grote claims (en een herhaling van oude claims). Neem de ­raming van 1 tot 2 miljoen Oeigoeren in detentiekampen. Zenz kwam tot dit cijfer door detentiecijfers van enkele tientallen districten te extrapoleren naar de hele provincie. De districtcijfers bereikten hem via een groep Oeigoerse activisten. Na kritiek op die methode wordt het cijfer steeds minder aangehaald.”4

Deze cijfers worden vandaag nog steeds gebruikt, en dat is niet onschuldig. Het is vooral op basis van deze cijfers dat de Amerikaanse regering, eerst met Trump en nu met Biden, het over een “genocide” tegen de Oeigoeren in Xinjiang heeft. Dat woord mag men in de geschiedenis niet licht gebruiken, als men niet wil dat we het van zijn echte betekenis ontdoen. Tijdschriften als The Economist of Foreign Policy, dat zijn niet bepaald pro-Chinese bladen, zeggen hetzelfde: de term “genocide” is hier niet van toepassing. Het is een term die, sinds de genocide door de nazi’s op de joden, nauwkeurig in het internationaal recht is omschreven en belangrijke gevolgen heeft. Men mag die term niet bagatelliseren of instrumentaliseren.

“Zenz is een evangelisch theoloog, aangesteld bij het Victims of Communism Memorial. Die Amerikaanse organisatie heeft wortels in de Koude Oorlog. Het is een anticommunistische en partijdige instelling, geen puur academische. Sinds Donald Trump de confrontatie met China naar nieuwe hoogten bracht, beschreef Zenz de vernietiging van het ‘duivelse’ communistische China als een goddelijke missie. Volgens collega’s was er weinig aan te merken op zijn eerdere academische werk. ‘De media-aandacht en de politieke context duwden hem schijnbaar in een andere, meer sensatiebeluste richting’, klinkt het ”, staat er te lezen in het artikel in De Standaard. Adrian Zenz is vandaag de belangrijkste bron van vele verslagen en getuigenissen over Xinjiang.

Wij herhalen onze kritiek op de aanpak van de situatie in Xinjiang. Maar dat betekent niet dat alles wat men zegt over Xinjiang ook waar is. Men moet de informatie die over dit onderwerp rondgaat, voorzichtig en kritisch bekijken. Dat leert ons ook de bronnenkritiek van Emmanuel Wathelet, docent mediakritiek aan het Institut des Hautes Etudes des Communications Sociales (IHECS).

Twee maten, twee gewichten

Het imperialisme heeft altijd met twee maten en twee gewichten gewerkt en is in essentie niet bekommerd om het lot van de mensen in het zuiden van deze planeet. Tijdens deze pandemie liep het aantal mensen in armoede wereldwijd op met 200 tot 500 miljoen, terwijl de rijkdom aan de top van de wereldpiramide nooit zo groot is geweest.

De situatie van de bevolkingen in Palestina, Jemen of van de moslims in India hadden al jaren op een krachtige reactie van de internationale gemeenschap moeten kunnen rekenen. De Palestijnen leven al tientallen jaren onder militaire bezetting en apartheid, zonder dat er echte sancties tegen Israël worden genomen. Jemen is al sinds 2014 het toneel van zware militaire agressie door een door Saoedi-Arabië geleide coalitie. De Verenigde Naties bestempelen de toestand in Jemen “de ergste humanitaire crisis ter wereld”, maar dat verandert niets aan het feit dat de westerse regeringen hun Saoedische bondgenoot geen strobreed in de weg leggen. En dan zwijgen we nog over India, waar de nationalistische partij van Narendra Modi al jaren een systematisch vervolgingsbeleid voert tegen moslims en in de deelstaat Assam kampen bouwt om moslims uit India te deporteren (zie het dossier in Le Monde Diplomatique van maart 2020).

Geen van deze situaties heeft geleid tot een krachtig ingrijpen of tot een campagne van westerse landen, integendeel. Israël, Saoedi-Arabië en India blijven nauwe bondgenoten van de Verenigde Staten en het Westen. De Verenigde Staten hebben hun bondgenootschap met India onlangs nog versterkt. Ze sloten, samen met Japan en Australië, met hen een partnerschap (“de Quad") dat wordt voorgesteld als “een NAVO voor de 21ste eeuw als buffer tegen [de Chinese president] Xi” (De Standaard). China en Rusland zijn de enige landen waartegen de Europese staten echte sancties nemen. Het is moeilijk om dit niet als een zaak van economisch of geostrategisch belang te zien.

Een brede beweging voor dialoog en vrede

De PVDA ijvert voor de eerbiediging van de mensenrechten, tegen islamofobie en de onderdrukking van minderheden, en tegen oorlog. Wij veroordelen de Chinese aanpak in Xinjiang en blijven de situatie daar met aandacht en bezorgdheid volgen. Maar we gaan niet mee in de logica van een koude oorlog. Integendeel, we hebben een brede beweging nodig die opkomt voor dialoog en vrede.

1. Raoul Hedebouw: “De plus en plus de petits indépendants rejoignent le PTB”, La Libre Belgique, 19 maart 2021
2. Zie chronologische documentatie over dit onderwerp door De Standaard https://www.standaard.be/cnt/dmf20210210_98292303 
3. Ouïghours : des pays musulmans, dont la Palestine, soutiennent-ils la politique de la Chine ?, La Libération, 16 juli 2020
4. Zijn Oeigoerse strafkampen ook echt ‘concentratiekampen’?, De Standaard, 11 februari 2021

Volg de PVDA op de voet