Het recht op abortus is geen pasmunt voor een falende regeringsvorming

(Foto Solidair, Dieter Boone)

Een ondoordacht en onverantwoordelijk voorstel dat de progressieve partijen snel door het parlement willen jagen, zo beschrijven Bart De Wever en Valerie Van Peel (N-VA) in hun opinie voor De Morgen het wetsvoorstel voor de versoepeling van de abortuswet. Hun argumentatie houdt geen steek. Het recht op abortus gebruiken als pasmunt voor een falende regeringsvorming, dat is onverantwoordelijk.

Dit artikel verscheen eerder op DeWereldMorgen.be

Twee jaar van grondig onderzoek en debat

De Wever en Van Peel stellen dat snelheid zou primeren op diepgang in de behandeling van dit wetsvoorstel en dat er geen tijd was voorzien om experts te consulteren. Onjuist. De discussie om abortus uit het strafwetboek te halen, de wettelijke termijn te verlengen en de wachttijd in te korten staat al meer dan twee jaar op de parlementaire agenda. Dit wetsvoorstel heeft een heel parlementair proces doorgemaakt, met onder andere een uitgebreide discussie in de Kamercommissie die het twee keer goedkeurde. De Raad van State sprak zich drie keer uit. Over dit voorstel is grondig nagedacht.

De Wever en Van Peel werpen op dat er geweigerd zou zijn om hun tegenargumenten te behandelen in de commissie. Maar reeds in 2018 zijn er verschillende hoorzittingen geweest met negentien experten en mensen van op het terrein. De meerderheid van de experten heeft zich uitgesproken voor een verlenging van de wettelijke termijn. Er bestaat een volledig rapport van in totaal 144 pagina’s van die hoorzittingen. Het is niet omdat je niet akkoord gaat met de conclusies dat je kan zeggen dat het debat niet heeft plaatsgevonden.

“Voorts is er nog nooit onderzoek gedaan naar de vijfhonderd vrouwen die jaarlijks naar Nederland gaan voor een abortus”, lezen we verder. Opnieuw onjuist. Sarah Van de Velde is professor medische sociologie en familiesociologie aan de Universiteit Antwerpen en deed onderzoek naar het profiel van vrouwen die zich aanmelden voor een abortus na de wettelijke termijn van twaalf weken. Wat blijkt: deze vrouwen zijn vaker jong, alleenstaand en kinderloos. Ze hebben vaker een kwetsbare sociaaleconomische positie en er zijn vaker relationele conflicten in het spel. “De versoepeling van de huidige abortuswet zal er dus voor zorgen dat de meest kwetsbare vrouwen nu ook op een veilige en betaalbare wijze een abortus kunnen hebben”, zo besloot professor Van de Velde dit weekend in Knack.

Dat de wet nog maar net is aangepast, zegt het duo van de N-VA. Dat klopt wel. In zeven haasten en met steun van de N-VA werd inderdaad een flauw afkooksel van de wet die voorligt door het parlement gejaagd, zonder grondig debat. Om dat feit nu te gebruiken om de stemming over een wet die jarenlang is voorbereid te blokkeren, dat is je verschuilen achter drogredenen.

Vertrouwen in de capaciteit van vrouwen om zelf na te denken

Het échte probleem van de rechtse partijen is natuurlijk inhoudelijk. Vandaag ondernemen jaarlijks 500 vrouwen een reis naar Nederland die handen vol geld kost en waarbij er geen garantie is voor goede (na-)zorg. Met een uitbreiding van de wettelijke termijn zouden we 80 procent van deze vrouwen kunnen helpen. De grote meerderheid van hen bevindt zich trouwens in de 13de of 14de week van de zwangerschap. Maar De Wever en Van Peel halen hun moraliserende vingertje boven en vinden dat je deze vrouwen moet wijzen op de grote impact die zo een ingreep heeft, alsof deze vrouwen dat zelf niet weten. Alsof vrouwen die ongewenst zwanger zijn bewust hun zwangerschap langer gaan rekken dan nodig.

Dat het “opmerkelijk is dat zogenaamde progressieve partijen deze noodzakelijke buffer uit de wet willen halen”, schrijven De Wever en Van Peel over het voorstel om de verplichte wachttijd te verkorten van zes naar twee dagen. Het is nochtans een kwestie van vertrouwen in de kwaliteit van de hulpverlening en de capaciteit van vrouwen om zelf na te denken. De realiteit is dat de meeste vrouwen die aankloppen bij een abortuscentrum hun keuze al gemaakt hebben. Ze hadden vaak al een gesprek met hun huisarts of gynaecoloog. Het opleggen van zes dagen verplichte wachttijd, zorgt niet alleen voor nodeloze stress. Volgens de WHO tast het ook het recht van de vrouw op abortus aan.

Omdat het voorstel specifieke straffen uit de wet wil halen, kan men volgens De Wever en Van Peel de facto doen wat men wil tot de dag van de geboorte. Alweer onjuist. Artsen zijn en blijven natuurlijk burgerlijk aansprakelijk en zijn gebonden aan de regels van de Orde der Artsen. Niemand mag vrouwen dwingen tot een abortus, uiteraard niet. Wat net zo goed niet mag is vrouwen dwingen tot een zwangerschap. Dat is volgens Amnesty International een schending van de privacy en de lichamelijke autonomie. Inpraten op vrouwen opdat ze toch maar geen abortus zouden ondergaan, schendt hun autonomie en houdt geen rekening met de fysieke en psychologische impact die vrouwen ondergaan wanneer ze een ongewenste zwangerschap voldragen.

“Preventie is geen doel meer”, gaan De Wever en Van Peel onverstoord door met het verspreiden van onwaarheden. Natuurlijk zijn we wél absolute voorstanders van goede preventie en toegankelijke anticonceptie. De PVDA diende vandaag nog een voorstel in om anticonceptie gratis te maken voor alle vrouwen, een voorstel dat jammer genoeg niet op de steun van de N-VA kon rekenen. Het punt is dat zelfs met de beste preventie en de beste toegang tot anticonceptie er ongewenste zwangerschappen zullen blijven bestaan. En dus zal het recht op abortus noodzakelijk blijven.

Een meerderheid in beide landsdelen

Volgens De Wever en Van Peel is er in Vlaanderen geen draagvlak voor het voorstel. Ze maken er een communautair probleem van. “Een wetsvoorstel dat op erg verschillende reacties botst in beide landsdelen”, zo schrijven ze. Maar een enquête van de ULB en de UHasselt uit 2017 stelt vast dat er helemaal geen verschil in draagvlak is tussen de verschillende landsdelen. 75 procent van de ondervraagden vindt dat abortus niet in het strafrecht hoort. Hetzelfde percentage vindt dat abortus als een medische ingreep moet worden gezien. Volgens 59 procent is het weigeren van een legale abortus een daad van geweld tegen vrouwen. 77 procent vindt dat de eindbeslissing van abortus bij vrouwen ligt. Op geen enkel vlak stelt men een significant verschil tussen Vlaanderen en Wallonië vast.

Het conflict tussen de verschillende landsdelen is een conflict tussen de traditionele partijen. Op het terrein werken hulpverleners en vrouwenorganisaties aan beide kanten van de taalgrens samen om het voorstel te steunen. Niemand beweert dat abortus een gemakkelijke keuze is, dat is het niet. Waar het over gaat, is dat we vertrouwen hebben in de vrouwen om zelf te beslissen en de hulpverlening om hen daarbij te omkaderen. Het wetsvoorstel dat voorligt, is uitvoerig besproken in het parlement, komt tegemoet aan de noden van kwetsbare vrouwen en heeft steun van een meerderheid van de bevolking. Tijd dat de wet ter stemming wordt voorgelegd. Vrouwenrechten zijn geen pasmunt voor ministerposten.

Volg de PVDA op de voet