We brengen de PVDA dichter bij jou en jou dichter bij de PVDA.!

Download onze app

Vertrekpremies tot 250.000 of zelfs 500.000 euro voor politici die niet herverkozen worden? PVDA roept op om privilege af te schaffen

“Terwijl gewone werknemers met een tijdelijk contract nadien terugvallen op een werkloosheidsuitkering, krijgen politici die niet herverkozen worden, hun riante loon nog maandenlang uitbetaald”, zegt PVDA-volksvertegenwoordiger Jos D'Haese. “100.000 euro, 200.000 euro, en in sommige gevallen zelfs meer dan 500.000 euro: dat is geen sociaal vangnet meer, maar een gouden parachute.” 

dinsdag 23 april 2024

De PVDA stelde al meermaals voor om dit systeem af te schaffen, maar geen enkele andere partij steunde dit. De linkse partij gaat nog voor de verkiezingen haar vraag opnieuw op tafel leggen in het Bureau van de Kamer.

De PVDA rekende uit dat in de volgende legislatuur, over alle parlementen heen, minstens 40 miljoen euro aan vertrekpremies zal worden uitbetaald. Het bedrag dat een uittredend politicus maandelijks kan krijgen, is de som van de parlementaire vergoeding en de forfaitaire onkostenvergoeding. Het minimumaantal maanden is vier – vijf in het Vlaams parlement –, het maximum 24. Het federale en het Brusselse parlement voorzien in een nog gunstigere regeling voor politici die voor 2014 al heel wat jaren gezeteld hebben. Zij kunnen tot 48 maanden opstrijken.

Enkele voorbeelden van parlementsleden en het bedrag dat ze krijgen als ze hun afscheidsvergoeding opnemen:

  • Marijke Dillen (VB): € 42.252, 4 maanden, door niet meer te zetelen in 2014 had ze eerder al € 450.000 opgestreken.
  • Patrick Dewael (Open Vld): € 507.024, 48 maanden, als burgemeester wordt dit samen met zijn inkomen beperkt tot 150% van de parlementaire vergoeding.
  • Maggie De Block (Open Vld): € 316.890, 30 maanden
  • Servais Verherstraeten (cd&v): € 401.394, 38 maanden
  • Wouter De Vriendt (Groen): € 253.512, 24 maanden
  • Karin Jiroflée (Vooruit): € 253.512, 24 maanden
  • Björn Anseeuw (N-VA): € 232.386, 22 maanden, als schepen wordt dit samen met zijn inkomen beperkt tot 150% van de parlementaire vergoeding.

“Zelfs al hebben ze naast hun mandaat nog ander werk, of vinden ze meteen een nieuwe job als het mandaat afloopt, toch krijgen ze deze vergoeding”, legt Jos D'Haese uit. “En dan is er ook nog het geval Maggie De Block. Ze kondigde aan dat ze op haar 62ste stopt met politiek om ‘voltijds oma’ te zijn. Het bevoorrechte stelsel van politici stelt haar in staat om dat te doen, mét behoud van haar inkomen. En dat terwijl zij en haar partij er mee voor gestemd hebben dat de rest van de bevolking tot 67 jaar moet werken.”

De linkse partij wijst ook op het feit dat politici meerdere keren langs de kassa kunnen passeren. Marijke Dillen van Vlaams Belang, bijvoorbeeld, werd verkozen in 2014, maar besloot haar zetel af te staan aan Jan Penris, waardoor ze een afscheidspremie van bijna 450.000 euro kon opstrijken. Als Dillen, lijstduwer in Antwerpen bij de komende verkiezingen, straks niet herverkozen wordt, zou ze opnieuw recht hebben op de minimumvergoeding van vier maanden.

De PVDA pleit al jaren voor het afschaffen van deze afscheidsvergoedingen. “Het is echt een problematisch systeem”, zegt Jos D'Haese. “De politici beslissen zelf over hun statuut en kennen zichzelf al die voordelen toe. Er wordt soms beweerd dat parlementsleden die vertrekpremies nodig hebben omdat ze geen recht hebben op een werkloosheidsuitkering. Maar die vaststelling blijkt niet helemaal waar. Als een parlementslid vóór zijn mandaat gewerkt heeft en aan de voorwaarden voor toegang tot een werkloosheidsuitkering heeft voldaan, dan heeft hij of zij – in theorie – na zijn ambtstermijn nog steeds toegang tot een werkloosheidsuitkering.”

“We hebben deze legislatuur meerdere keren voorgesteld om de vertrekpremies te schrappen”, zegt Jos D'Haese. “Geen enkele andere partij keurde ons voorstel goed.(1) Voor de Vivaldi-partijen is politieke vernieuwing gewoon een slogan geweest, zonder concrete realisaties. 

“Hetzelfde verhaal geldt voor het Vlaams Belang”, aldus Jos D'Haese. “Zij profileren zich graag als een volkspartij, maar in de praktijk graaien ze even graag mee als de rest.” 

De PVDA wil dat politici hetzelfde statuut als normale werknemers krijgen. De linkse partij kondigt aan dat ze het Bureau van de Kamer opnieuw zal vragen om voor 8 mei het systeem te herzien. 

“Het is onhoudbaar dat er zulke privileges bestaan. De parlementsleden van de PVDA zullen hun afscheidsvergoeding alvast niet opnemen”, benadrukt Jos D'Haese. “Wij blijven trouw aan onze principes. We zitten in het parlement om de werkende bevolking te dienen, niet onszelf.”
 

1/ Vlaams Parlement: https://www.vlaamsparlement.be/nl/parlementair-werk/plenaire-vergaderingen/1788651/verslag/1790960  
Kamer: https://www.dekamer.be/doc/PCRI/pdf/55/ip282.pdf