Peter Mertens (PVDA) na Kamercommissie Borealis: “Het is nú tijd om écht te handelen”

PVDA-volksvertegenwoordiger Peter Mertens.

Peter Mertens (PVDA) wil dat het systeem van onderaannemingen die aan uitbuiting doen aan banden wordt gelegd. Hij vindt dat de arbeidswetgeving rond de aansprakelijkheid van de opdrachtgever en de hoofdaannemer dringend verstrengd moet worden, en de controlemogelijkheden door de vakbonden uitgebreid moeten worden.

Op vraag van Kamerlid Peter Mertens (PVDA) vond deze voormiddag een gezamenlijke commissie Justitie en Sociale Zaken plaats over het Borealis-schandaal. “Dit gaat om een totaalverhaal”, stelde Mertens. “Mensen worden in alle uithoeken van de wereld geronseld met valse beloftes, steken zich in de schulden om naar hier te komen, krijgen hun loon niet en worden op alle vlakken afhankelijk gemaakt van malafide bazen die hen onder druk zetten. Dit is Qatar in België.”

In de commissie werd duidelijk dat de Vivaldi-partijen niet op één lijn zitten. Minister Dermagne (PS) gaf aan de kwestie van de ketenaansprakelijkheid op de regeringstafel te willen leggen, ook voor sectoren buiten de bouwsector, en ook voor loonkwesties uit het verleden. Daarmee ging hij in op de vragen van Mertens. “Maar voor een gedragen engagement ter zake zorgde de minister allerminst”, duidt Mertens. “Tania De Jonghe van Open Vld liet duidelijk verstaan dat er voor de liberalen geen sprake kan van zijn om de wet aan te passen. Als het van hen afhangt, zal er geen jota veranderen aan de situatie zoals we die vandaag kennen. Dat is hemeltergend”.

Peter Mertens vindt dat er nú een momentum is om te handelen: “We moeten hier lessen uit trekken. De aansprakelijkheid van de opdrachtgever en de hoofdaannemer is een cruciale kwestie. Zij moeten verantwoordelijk worden gesteld, anders verandert er nooit iets aan die hele keten van uitbuiting en onderbetaling. De wet moet van toepassing worden op loonschulden uit het verleden, niet enkel in de toekomst.” Mertens kondigde aan dat de PVDA daarvoor een wetsvoorstel op tafel legt.

Wat volgens Mertens miste in de commissie, is de rol van de vakbonden. “Vandaag kunnen werknemersafgevaardigden in de ondernemingsraden en in het CPBW geen vragen stellen naar arbeiders die in onderaanneming werken”, legt Mertens uit. “De afgevaardigden horen en zien wat er op de werven gebeurt, maar mogen dat niet ter sprake brengen. De bevoegdheden voor de vakbonden moeten daarom dringend uitgebreid worden.”

Duidelijk werd tot slot hoe de absurde staatshervormingen in ons land een rem zijn voor iedereen die deze schrijnende problematiek efficiënt wil aanpakken. De regeringen wijzen met de vinger naar elkaar, en ondertussen blijven veel slachtoffers in de kou staan. “Ik begrijp niet dat er geen federale taskforce wordt opgericht om alles te coördineren. Iedereen moet nu zijn plan maar trekken. Hulporganisaties zoals Payoke trekken al een maand aan de alarmbel. De helft van de slachtoffers krijgen al sinds begin juli geen steun, en verschillende onder hen worden vandaag nog steeds door malafide bedrijven onder druk gezet. Dit is een blamage voor ons land. Wij zijn van geen kanten voorbereid op de mensenhandel en slavernij van het kapitalisme van vandaag”, besluit Mertens.