Stad pleegt schuldig verzuim in controle op bouwwerf ingestorte school. PVDA vraagt 5 bouwdossiers op

.

Vandaag komen ‘VTM Nieuws’ en ‘Het Laatste Nieuws’ met onthullingen over de bouwramp die in juni 2021 plaatsvond met de instorting van een nieuwe school op Antwerpen Zuid. Hoofdaannemer Democo zou aan de stad gelogen hebben over de keten van onderaannemingen. Er waren 249 onderaannemingen actief op de werf, een veelvoud van wat er werd gecommuniceerd. Er werden ook opdrachten gegeven aan niet-erkende aannemers, hoewel dit niet mocht van de stad. “Dat de stad Antwerpen zo slecht op de hoogte is van wie er werkt en wat er op haar werven gebeurt, is schuldig verzuim. De stad moet lessen trekken uit haar manier van werken. Met de PVDA vragen wij nu de 5 bouwdossiers op waar er gewerkt wordt met een speciale Design & Build-overeenkomst om zelf de aannemerslijsten te controleren”, reageert PVDA-gemeenteraadslid Peter Mertens.

De lijst van onderaannemingen op de werf is langer dan geregistreerd was bij opdrachtgever AG Vespa, dat de opdracht gaf in naam van het Antwerpse stadsbestuur. Dat blijkt uit het onderzoek van VTM-journalist Joppe Nuyts. De controle op het betreden van de werf zou zo lek als een zeef zijn. “De stad blijft bij monde van AG Vespa beweren dat ze in dit speciale project met een Design & Build-overeenkomst de opvolging en controle van de werf volledig aan Democo mocht overlaten, maar niets is minder waar. AG Vespa mocht contractueel toezicht houden, maar deed dit niet. De reden is duidelijk. Dit stadsbestuur wil van het bestrijden van wanpraktijken op haar werven geen prioriteit maken”, reageert Mertens. 

De verantwoordelijkheid die de lokale overheid had moeten nemen met aanwezigheid op de werfvergaderingen werd niet genomen. “De politieke verantwoordelijkheid over het feit dat het stabiliteitsbureau al een half jaar alarm sloeg over de constructie  van de school, maar dat dit zonder gevolg kon blijven bij de aannemer Democo, is dan ook loodzwaar voor het Antwerpse stadsbestuur. De vraag is of de stad wel op de hoogte was geweest over de discussies over de stabiliteit en mogelijks wel de werf had laten stilleggen voor verder onderzoek, mocht ze strenger toezicht hebben gehouden”, stelt Mertens.

Het is bijzonder pijnlijk dat vakbonden al jaren vragen dat de stad een voorbeeldfunctie inneemt in de strijd tegen sociale dumping, maar dat de burgemeester al die tijd de realiteit ontkent. Er vallen doden en gewonden, maar nog mag er geen debat plaatsvinden of conclusies worden getrokken. Er wordt gewerkt met contracten, die de verantwoordelijkheid van de stad moeten doorschuiven naar anderen.  “Met de PVDA vragen we de lijsten van onderaannemingen op van de 5 werven waar er vandaag met Design & Build-overeenkomsten wordt gewerkt. We willen controleren of de aannemers wel degelijk allemaal erkend zijn en van hoeveel subniveaus er sprake is.”

 PVDA stelt het stadsbestuur voor om vijf maatregelen te nemen:

1. Het werk dat geen specialisatie vereist moet verplicht door het eigen personeel van de hoofdaannemer gebeuren (de aannemer die rechtstreeks contact heeft met de publieke overheid). Zo moet de onderaannemingsketen stevig verkort worden.

2. Voor zelfstandigen moeten dezelfde verplichtingen qua welzijn worden opgelegd als voor werknemers. Schijnzelfstandigheid moet uitgesloten worden. 

3. De publieke overheid moet ten allen tijde op de hoogte zijn wie er actief is op de werf, en onder welk statuut en contract hun personeel werkt, van bij het binnenkomen tot het buitengaan.

4. De opvolging en inspectie van de bouwwerken moet door de publieke overheid zelf gebeuren, in casu de Stad Antwerpen, zowel op vlak van veiligheid als voor het respecteren van de sociale rechten

5. Er moet volledige transparantie zijn in alle publieke bouwdossiers

 

Naast deze maatregelen vraagt de PVDA ook bovenliggende bevoegdheidsniveaus structurele maatregelen te nemen.

Zo moeten alle publieke overheden een sluitende verantwoordelijkheid krijgen als opdrachtgever bij het aanbesteden van overheidsopdrachten. Niet enkel met opleveringstermijnen maar ook met sociale normen in de contractuele besprekingen, net zoals ze ecologische- en mobiliteitsnormen opleggen voor nieuwe projecten.

Het systeem van detachering moet aangepakt worden, te beginnen met de verplichting om sociale bijdragen te betalen in het werkland en niet in het land waar dat het goedkoopst is. Inspectie moet opgebouwd worden. Bij overtredingen moet er stevige sancties genomen worden die duidelijk maken dat het oogluikend toestaan van uitbuiting en sociale dumping op de werving niet langer getolereerd wordt.