Versterk de eerste lijn of de huisartsen gaan kopje onder

.

Terwijl omikron ons overspoelt, werden de teststrategie en de quarantaineregels door onze regering versoepeld. Als huisartsen staan we klaar om deze vijfde golf op te vangen, net zoals bij de vorige vier golven. Maar moeten we nu echt opnieuw gaan improviseren? Moeten we de strijd met omikron blind aangaan?

Hanne Bosselaers is huisarts bij Geneeskunde voor het Volk

Bijna 2 jaar na het begin van de pandemie moeten we vaststellen dat er door onze beleidsmakers structureel bijna niets is ondernomen om ons tegen deze vijfde golf te wapenen. Het is ondertussen duidelijk dat enkel inzetten op vaccineren niet voldoende is. Klassen of zelfs hele scholen moesten sluiten en dan weer openen, mensen kwijnen weg in isolatie, de meeste werkvloeren zijn allesbehalve “covidproof” en de mentale impact op de hele samenleving is enorm. Ondertussen blijven zorgverleners het beste van zichzelf geven, maar ook zij balanceren op een heel smal paadje langs de afgrond. De zorgsector is chronisch overbelast. Op deze manier houdt men dit niet langer vol.

Hieronder zetten we op een rijtje wat wij zien als oplossingen om omikron te verslaan, hoe we de eerste lijn op korte termijn moeten versterken in deze crisis. Maar we willen vooral een aanzet geven om de sterke eerste lijn van de toekomst uit te bouwen. Er komen volop andere gezondheidscrises op ons af, die we preventief moeten kunnen aanpakken (zieke werknemers, luchtvervuiling, chronische ziekten, vergrijzing, ongelijkheid en armoede, …).

Teststrategie

PCR’s voor asymtomatische hoogrisicocontacten, meer zelftests en sneltests

Sommige experten stelden al langer voor om minder te testen, omdat de capaciteit van de labo’s om duizenden PCR’s te draaien door omikron aan zijn limiet komt. Als we te lang op de testresultaten moeten wachten, hebben PCR-testen inderdaad minder zin bij een zich razendsnel verspreidend virus. Sinds 10 januari kunnen alleen mensen met symptomen nog een PCR-test krijgen, voor asymptomatische hoogrisicocontacten is een PCR niet meer terugbetaald. Volledig gevaccineerde hoogrisicocontacten gaan helemaal niet meer in quarantaine.

Het resultaat is dat we vanaf nu grotendeels blind varen. Als we niet meer weten wie corona heeft op het einde van de quarantaine, kunnen we de virusverspreiding niet meer volgen, laat staan beheersen.

PCR-testen zijn de gevoeligste testen maar ze zijn duur en de capaciteit is beperkt. We zouden ze best blijven inzetten om asymptomatische hoogriscicocontacten te testen. Om corona op te sporen bij iemand met symptomen is een sneltest, afgenomen door een ervaren zorgverlener, zeer goed. Op momenten dat er veel besmettingen zijn, hebben zelftests ook een grote meerwaarde: je hebt onmiddellijk resultaat en een negatieve test sluit forse besmettelijkheid uit. Ideaal om preventief te testen vooraleer mensen samenkomen. De experten van de GEMS bevelen aan om zelftests in het basispakket van maatregelen op te nemen.

Als we willen dat zelftests door iedereen goed gebruikt worden, moeten ze eerst en vooral gratis beschikbaar zijn (zie Winterplan PVDA). We moeten een duidelijk kader bepalen en zorgen voor goede uitleg over het gebruik van zelftests. Dat scholen en werkgevers “aanraden” dat mensen op eigen kosten hun kinderen en zichzelf testen, volstaat niet om van zelftests een goed hulpmiddel in de strijd tegen corona te maken.

Met een openbare aanbesteding kunnen zelftests aan 1 euro per stuk aangekocht worden. Twee zelftests aanbieden per Belg kost dan 30 miljoen per week. We zouden dat maximum 10 weken moeten volhouden om voorbij de winter-omikron-piek te geraken. Het VK en Oostenrijk tonen ons dat gratis zelftesten uitdelen perfect haalbaar is.

We hebben al van in mei 2020 nood aan vlot toegankelijke lokale testcentra, waar je zonder afspraak kan binnenlopen en van A tot Z geholpen wordt bij je coronatest. Een sneltest voor symptomatische mensen en een PCR voor asymptomatische hoogrisicocontacten. Online tools kunnen nuttig zijn, maar er zijn ook veel mensen die er hun weg niet in vinden. Een administratief medewerker in het testcentrum maakt je testcode, geeft je uitleg op maat en je krijgt er de nodige attesten. Zo wordt de huisarts echt ontlast.

Regelmatige preventieve en collectieve PCR op speeksel voor scholen en bedrijven

Wekelijkse collectieve speekseltests per klas of ploeg in het bedrijf zijn een goed middel om uitbraken in de kiem te smoren vooraleer verschillende mensen symptomen krijgen. Een speekselstaal is veel gemakkelijker (spuwen in een potje of zuigen op een teststaafje) dan een zelftest. Deze strategie wordt met succes toegepast in de scholen van enkele Zwitserse en Duitse regio’s. In de meeste gevallen lukt het om de infectie vast te stellen nog voor een tweede kind van de klas besmet geraakt. Grote uitbraken worden zo efficiënt voorkomen.

In Vlaanderen was er begin 2021 een succesvol pilootproject met speekseltests bij duizenden leerkrachten. De leerkrachten vonden het geruststellend en aangenamer werken wanneer ze preventief getest werden. Vreemd dat speekseltests niet verder werden uitgerold op basis van deze goede ervaring. Het excuus luidt dat het logistiek moeilijk en duur is om de stalen op te halen en dat de PCR-capaciteit het niet toelaat om continu preventief te testen. Maar als je er virusverspreiding mee voorkomt, moeten er nadien toch net minder tests gebeuren?

Lokale covidcoaches

Commerciële call centers vs. covid coaches op het terrein

Meer dan 100 miljoen euro heeft de Vlaamse overheid al uitgegeven aan commerciële callcentra voor contactonderzoek. Het resultaat is ondermaats. Vanuit een call center in Brussel is het nogal moeilijk om de lokale bron van infecties in kaart te brengen. Contact tracing gebeurt beter dicht bij de mensen. Daarom stellen wij voor om “covid-coaches” te laten werken vanuit de lokale test- en vaccinatiecentra, wijkgezondheidscentra of huisartsenpraktijken. Veel mensen hebben enorm veel vragen bij een coronabesmetting: “Wat met mijn werk? Welke contacten moet ik verwittigen? Kunnen de kinderen naar school?”. Een lokale vertrouwenspersoon, een “covid-coach”, kan geruststellen en echte ondersteuning bieden.

Die 100 miljoen euro zouden we dus beter steken in een structuur voor lokale contact tracing. Op korte termijn in versterking van eerstelijnszones en huisartsenkringen om testcentra en overbevraagde wachtposten draaiende te houden, met extra medewerkers die de mensen correct informeren over isolatie, quarantaine en testing.

Tijdens de piek van de tweede coronagolf waren er bijna 1.100 contactonderzoekers werkzaam in de contact tracing van de commerciële callcenters. Met iets meer dan de helft daarvan kunnen we meteen in heel België vijf lokale covid-coaches aanstellen per eerstelijnszone van 100.000 inwoners. Zo leggen we een basis om gemeentelijke preventiecentra uit te bouwen, waar die tracers ook na corona als preventiemedewerkers actief kunnen blijven.

Van tijdelijke test- en vaccinatiecentra naar permanente preventiecentra

Testcentra kunnen ook vaccineren of vice versa, uiteraard met gescheiden patiëntenstromen. Zo creëren we de ruimte die zich op lange termijn kan ontwikkelen tot lokaal preventiecentrum, dat ook andere taken opneemt. Dr. Jan van Emelen, coördinator van het vaccinatiecentrum van Malle, deed een interessant voorstel: “Laat ons de opgedane kennis en data van de coronacrisis niet verloren laten gaan, maar de ervaringen inzetten voor een blijvend preventiecentrum. De centrale les: een goede samenwerking tussen zorgverstrekkers, voorzieningen, lokale besturen en welzijnsactoren is de hoeksteen van een geslaagd vaccinatiecentrum. Er is nu een momentum om die samenwerking door te trekken, er is vertrouwen. Het preventiecentrum kan werken rond infectieziekten zoals COVID-19 en griep, maar ook chronische aandoeningen, traumatologie, mentaal welzijn, enzovoort. Het preventiecentrum zou een fysieke locatie hebben waarvan de capaciteit wordt aangepast in functie van de noden.”

Duurzame versterking van de eerste lijn

De coronacrisis is hét moment om de jarenlange verwaarlozing van preventie en eerste lijn in ons land aan te pakken. Minder dan 5% van het totale budget van de gezondheidszorg in België gaat naar de eerste lijn, nochtans de centrale pijler van ons systeem. Preventie is nog slechter bedeeld met ongeveer 2% van het gezondheidsbudget. Dat moet veranderen. Met investeringen in preventie en eerste lijn hebben we zoveel te winnen: meer gezondheid en minder kosten in de ziekenhuizen.

De druk op de eerste lijn is onhoudbaar. Het huisartsentekort in België is nijpend, zowel in Vlaanderen, Brussel als Wallonië. Meer en meer huisartsen vallen uit of gaan met pensioen, nog meer denken aan stoppen. De numerus clausus – de beperking op het aantal rizivnummers om als arts te mogen werken – is totaal onlogisch als er zo’n tekort is aan artsen. Het ingangsexamen voor de studies geneeskunde is nog zo’n onnodige rem die we kunnen opheffen. We moeten meer studenten motiveren om voor de opleiding tot huisarts te kiezen, met het vooruitzicht op goede werkomstandigheden in multidisciplinaire teams.

De huisarts is te veel een “manus van alles”: acute zorg, complexe chronische zorg, werkonbekwaamheid evalueren, attesten en administratieve dossiers allerhande, … De rol van onze huisarts is onvoldoende afgelijnd. In de klassieke huisartsenpraktijk is er geen ondersteuning door andere disciplines. Een eerste stap is meer administratieve hulp inschakelen in de huisartsenpraktijk. De subsidies voor telesecretariaat moeten blijven. Maar er is meer nodig: geef huisartsenpraktijken een goed opgeleide praktijkassistent, een vertrouwd gezicht dat allerlei taken kan overnemen. Denk maar aan resultaten inbrengen, dossiers opvragen, telefoontriage, chronische medicatie beheren, …. Om genoeg jongeren aan te trekken, moet de opleiding medisch secretariaat beter en aantrekkelijker en moet er voldoende financiering zijn om hen overal in de huisartsenpraktijken aan te nemen.

De toekomst ligt bij een grondige verandering van het systeem. Voor goede eerstelijnszorg hebben we niet alleen administratieve hulp nodig, maar ook nauwe samenwerking met andere disciplines: verpleegkundigen, kinesisten, psychologen, … Geneeskunde voor het volk blijft ijveren voor een sociale groepspraktijk in elke wijk. Een netwerk van 10 à 20 multidisciplinaire groepspraktijken per 100.000 inwoners, verbonden met een lokaal preventiecentrum, andere actoren in de zorg en het lokaal bestuur: daarmee zouden we een pak sterker staan om snel te schakelen tijdens crisissen én duurzaam te zorgen voor ieders gezondheid.