Vlaamse regering offert mensenrechten op voor nationalistisch project

Jos D'Haese. (Foto Stefaan Van Parys)

Door uit Unia te stappen en een eigen Vlaams mensenrechteninstituut op te richten, zet de Vlaamse regering volgens linkse oppositiepartij PVDA een stap terug in de aanpak van discriminatie.

“Het is onbegrijpelijk dat minister Somers doorzet met dit plan, terwijl letterlijk alle adviesorganen het hebben afgeschoten”, zegt Vlaams parlementslid Jos D’Haese. “Nu blijkt bovendien dat ook de Raad van State waarschuwt voor een grotere complexiteit voor slachtoffers van discriminatie en zelfs voor een mogelijke schending van de grondwet. Blijkbaar moet de strijd tegen discriminatie wijken voor het nationalistisch project van een ‘eigen’ instituut.”

De Vlaamse regering heeft beslist om uit Unia te stappen en een eigen Vlaams mensenrechteninstituut (VMRI) op te richten. “Alsof mensenrechten afhankelijk zijn van de taal die iemand spreekt”, zeg Jos D’Haese, Vlaams parlementslid voor de PVDA. “De strijd tegen discriminatie van mensen met een migratie-achtergrond, ouderen of mensen met een beperking verdient beter dan een communautair steekspel. Zullen mensen die slachtoffer worden van discriminatie binnenkort eerst moeten uitzoeken binnen welke bevoegdheid ze gediscrimineerd worden om te weten bij welk instituut ze horen aan te kloppen? Absurd gewoon.”

Een cruciaal verschil tussen Unia en het nieuw op te richten Vlaamse instituut is dat de juridische instrumenten sterk ingeperkt zullen worden. “Het gebeurt niet vaak dat Unia effectief naar de rechtbank stapt, maar die mogelijkheid is wel een belangrijke stok achter de deur om in onderling overleg tot oplossingen te komen”, zegt D’Haese. “Optreden voor een individueel slachtoffer zal het VMRI niet kunnen doen. Een stap achteruit voor de aanpak van discriminatie, zoals heel veel middenveldorganisaties vandaag herhalen. De Raad van State waarschuwt er zelfs voor dat dat in zou kunnen gaan tegen de grondwet.”

Somers is ook van plan om andere mensenrechteninstituten, zoals het Kinderrechtencommissariaat of het Vlaams Vredesinstituut, in te laten kantelen in het nieuwe VMRI. “Ook daarover zijn zowel de betrokken organisaties als het brede middenveld niet te spreken”, zegt D’Haese. “Een instelling als het Kinderrechtencommissariaat heeft absoluut nood aan haar eigenheid om kinderen te kunnen vertegenwoordigen.” De PVDA roept de Vlaamse regering dan ook op om de adviezen en bezorgdheden vanuit het middenveld niet langer aan de kant te schuiven. “Zet de strijd tegen discriminatie centraal, niet het nationalistisch project van deze Vlaamse regering.”