Foto Belga

Op 29 en 30 juni 2022 wordt in Madrid een "historische" Navo-top gehouden. Welke grote punten staan er op de agenda en welke uitdagingen zal dat met zich meebrengen voor de vredesbeweging, in een tijd van oorlog in Oekraïne, algemene militarisering en toenemende spanningen tussen de grote mogendheden?

De top is het hoogste beslissingsorgaan van de Navo en brengt de staatshoofden en regeringsleiders van alle lidstaten en een aantal partnerlanden bijeen. De Navo moet op die top een nieuw "strategisch concept" opstellen. De laatste keer dat de alliantie dat deed, was op de top van Lissabon in 2010. Concreet gaat het om een actualisering van de politieke en militaire strategie van de organisatie, maar ook van het functioneren en de toekomstperspectieven.

In 2019 waren er grote spanningen tussen de presidenten Macron en Trump. De Top van Londen leidde toen niet tot een akkoord. De Noorse secretaris-generaal Jens Stoltenberg kreeg toen de opdracht om een document op te stellen dat als basis voor de besprekingen zou dienen. Dat werk werd voortgezet op andere bijeenkomsten, met name in Brussel, om de weg te bereiden voor de belangrijke besluiten die in Madrid zullen worden aangekondigd.

Hoewel de officiële aankondiging nog niet heeft plaatsgevonden, zijn de grote lijnen en de algemene oriëntatie al te bespeuren in verschillende officiële documenten en verklaringen. De strategische vernieuwing van de Navo dient om het plan te actualiseren ten aanzien van de "systemische rivalen" Rusland en China, maar ook tegenover nieuwe uitdagingen (pandemieën, klimaatcrisis, cyberveiligheid, ...) en zelfs om de werkmethoden van de organisatie ter discussie te stellen. Het belangrijkste werkdocument voor die nieuwe strategie draagt de titel "Navo 2030: Verenigd voor een nieuw tijdperk".

Een "meer ideologische" alliantie

Sinds het einde van de Koude Oorlog heeft de Navo voortdurend gezocht naar nieuwe bestaansredenen. Hoewel ze zichzelf een louter defensieve alliantie noemt, is ze het vehikel geweest voor strikt offensieve westerse interventies, vaak zonder goedkeuring van de VN-Veiligheidsraad en dus illegaal.

De mislukkingen en rampen in Afghanistan en Libië leidden ertoe dat de Navo als organisatie en de Verenigde Staten als leidend land een deel van hun geloofwaardigheid hebben verloren. Het vertrouwen tussen de geallieerden was laag. De oorlog van Rusland tegen Oekraïne en de opkomst van China, die de VS met alle middelen trachten tegen te gaan, bieden een nieuwe rechtvaardiging, ook al dateert de verandering in strategische oriëntatie van ver vóór de oorlog in Oekraïne.

Naast het eenvoudige idee van "onderlinge verdediging", pure zelfverdediging, heeft de Navo de ambitie om een "meer ideologische, meer politieke, meer geïntegreerde" organisatie te worden. Het doel is de wereld te verdelen tussen de Navo en haar partners (d.w.z. de westerse wereld en haar bondgenoten) en de rest van de wereld, die als autoritair en ondemocratisch wordt omschreven.

De rampzalige balans van de westerse interventies op het gebied van vrijheden en democratie, de staatsgrepen die worden gesteund door landen die nu de "alliantie van democratieën" willen oprichten, hun allianties met de ergste dictaturen ter wereld als het om geld gaat, het streven naar soevereiniteit en onafhankelijkheid van niet-westerse landen...dat doet er allemaal niet toe. In dezelfde orde van hypocrisie wordt geen oordeel geveld over de herhaalde schendingen van het internationale recht door het Westen of zijn bondgenoten (Israël, Saoedi-Arabië).

De Navo wil niet alleen meer communiceren, maar ook investeren in de strijd tegen "desinformatie" (alleen wanneer anderen liegen, natuurlijk) en het "behoud van instellingen". Ze wil zo meer worden dan een militaire organisatie en meer gewicht krijgen in de algemene politieke sfeer. De democratie zou "van binnen en van buiten" worden bedreigd en de Navo zou daartegen een dam opwerpen.

Een "meer geïntegreerde" organisatie

Al enkele decennia is de Navo van het idee van "wederzijdse verdediging in geval van agressie" (kort samengevat: als een land wordt aangevallen, komen de nationale legers van andere landen ter hulp) geëvolueerd naar een meer geïntegreerd model. Dit geïntegreerde model impliceert talrijke gezamenlijke oefeningen, maar ook een gemeenschappelijke militaire taal, een gemeenschappelijke tactische doctrine, multinationale bataljons, de aankoop van dezelfde wapens en communicatiesystemen. In karikaturale bewoordingen is het de bedoeling "iets minder een optelsom van nationale legers te zijn en iets meer een groot gemeenschappelijk leger".

Het eerste gevolg daarvan is dat voor de aanschaf van uitrusting de overgrote meerderheid van de Navo-leden zich tot de industrie in de VS heeft gewend. Zo kunnen die uitrustingen samenwerken en informatie uitwisselen, zogenaamde interoperabiliteit. Hoewel sommige nationale industrieën zich staande houden (Frankrijk, Zweden, enz.), zijn het de Verenigde Staten die het voortouw nemen, ten voordele van hun machtige industrie. 

Een "meer politieke" organisatie

Eerdere Navo-operaties zijn niet succesvol geweest en zijn niet populair in de westerse publieke opinie. Heel veel crises bedreigen op dit moment de veiligheid van de burgers van de wereld en het Westen. De werkende klasse en het gehele volk zijn ongerust en mobiliseren zich rond klimaatverandering, natuurrampen, pandemieën, ...

De Navo wil op al deze verschillende gebieden steeds meer ruimte innemen en haar bevoegdheden uitbreiden. De organisatie beperkt zich dus niet tot militaire defensie maar is betrokken bij vrijwel alle internationale vraagstukken. Achter het masker van samenwerking gaat het erom de bestaande multilaterale samenwerkingsorganen, die hoofdzakelijk maar niet uitsluitend van de VN uitgaan, te vervangen door een unieke westerse alliantie met een sterke ideologie en een onbetwistbaar de facto leiderschap van de VS.

Het begrip "Global NATO" wordt ook steeds vaker gebruikt, een teken van de wil om niet alleen nieuwe leden op te nemen maar ook de partnerschappen met derde landen (Israël, Colombia, Zuid-Korea, enz.) te versterken en tegelijk de Europese autonomie te weigeren. Die wordt namelijk als een risico op de "explosie van het bondgenootschap" gezien.

Rusland, China en verdeeldheid in de Navo

Hoewel het duidelijk is dat de Navo grotendeels gedomineerd wordt door de Verenigde Staten (en dat zal zo blijven), mag men de mogelijke interne nuances en verdeeldheid niet negeren.

Zo zal er een beroep worden gedaan op de EU-instanties om nauwer samen te werken met de Navo en om de bilaterale dialoog te versterken. Maar tegelijkertijd zal het verlangen naar "Europese autonomie" moeten worden aangepakt. De VS verwerpen die door Frankrijk en president Macron gewilde Europese autonomie. Die lijkt steeds moeilijker als de landen de rangen sluiten rond de VS, zoals we dat sinds eind februari vaststellen. De uitbreiding van de bevoegdheden van de Navo zal ook een punt van onderhandeling zijn, vooral als die uitbreiding concurreert met de bevoegdheden van andere organisaties, zoals de EU.

De Navo dient als pressiemiddel om de militaire investeringen op te voeren, zowel kwantitatief (tot 2% van het bbp aan militaire uitgaven) als kwalitatief (interoperabiliteit van systemen, gezamenlijke bewapening, enz.). Een aantal nationale industrieën (voornamelijk Franse, maar ook Zweedse, Spaanse en Duitse) zullen lobbyen om hun marktaandeel te behouden.

Wat de directe kwesties van de oorlog tussen Oekraïne en Rusland betreft, zullen het sanctiebeleid en de militaire doelstellingen tot meningsverschillen blijven leiden, vooral tussen landen als Duitsland, Frankrijk of Italië, die zich zorgen maken over de gevolgen voor hun economie, en oostelijke landen als Polen en de Baltische Staten, die vastbesloten zijn het conflict te laten escaleren aan de zijde van het VK en de VS.

De rol van Turkije moet nog nader worden bekeken. Het land is lid van de Navo maar probeert in het Russisch-Oekraïense conflict een bijna middenpositie te behouden en dreigt momenteel de toetreding van Finland en Zweden te blokkeren.

Deze verdeeldheid komt ook tot uiting in de bepaling van de houding ten opzichte van China, waar sommige Europese economieën een te directe confrontatie vrezen. Vóór de Russische invasie in Oekraïne was het de topprioriteit van de Verenigde Staten om de Europeanen aan boord te krijgen in hun confrontatie met China en om zo een "Westers blok" op te bouwen tegen een "Russisch-Chinees blok". Dit was al het geval toen president Biden zijn "top van democratieën" in december 2021 voorstelde. Het lijdt geen twijfel dat de wil van de VS intact is gebleven, ook al is het onduidelijk hoe ze de Europeanen aan boord gaan krijgen.

Welke weg naar vrede en veiligheid?

Om al deze redenen is de nieuwe strategie waartoe op de Top van Madrid zal worden besloten, een wake-up call voor de vredesbeweging in België en Europa.

Bovendien is de benadering van de Navo van de betrekkingen tussen staten gevaarlijk voor de samenwerking en het multilateralisme, waarvan de organisaties (VN, Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE)) worden gemarginaliseerd. Dat zal alleen maar voor meer spanning en een daaropvolgende militaire escalatie door de andere mogendheden zorgen.

Veiligheid, in al haar componenten, kan alleen op internationaal niveau worden gewaarborgd. Samenwerking tussen landen en volkeren is van essentieel belang. Dit moet gebeuren met de wil om mensen samen te brengen en een dialoog aan te gaan. Niet met een offensieve visie op deze nieuwe koude oorlog die we vorm zien krijgen.

Militaire escalatie, budgetverhogingen en de onderwerping van de Europeanen aan de VS zullen geen veiligheid of vredesgaranties brengen. Dat zal enkel meer besparingen en bezuinigingen met zich meebrengen en meer toenemende spanningen en oorlogsdreigingen, waaronder een kernoorlog.

Zoveel redenen voor de vredesbeweging en de bredere vakbonds- en sociale bewegingen om zich in te zetten voor vrede en solidariteit in Europa. Op korte termijn in Madrid en andere westerse hoofdsteden, tegen de Navo-Top in Madrid en haar nieuwe strategische concept. Op lange termijn tegen de Navo en haar militaire budgetten van 2% van het bbp, tegen oorlogsprofiteurs en voor een wereld in vrede.