Wie is Sofie Merckx, de nieuwe PVDA-fractieleider in de Kamer?

Foto Stefaan Van Parys

Sofie Merckx volgt Raoul Hedebouw op als fractieleider in de Kamer. Hedebouw werd voorzitter van de PVDA. Portret van een arts die zichzelf eerst in een derdewereldland zag werken, voor ze hier de werkende klasse ontmoette en zich in de strijd gooide.

"Ik ben nog steeds moe van de coronabesmetting die ik tien dagen geleden heb opgelopen, maar ik begin me inmiddels beter te voelen." Sofie Merckx, huisarts bij Geneeskunde voor het Volk (GVHV), een netwerk van medische centra dat 50 jaar geleden op initiatief van de PVDA in Marcinelle is opgericht, staat sinds het begin van de epidemie in de frontlinie. "Ministers daarentegen bekijken dat vanop afstand. Ze kijken naar de statistieken en laten hun humeur daarvan afhangen. Wij daarentegen vechten al sinds de eerste dag tegen het virus en net als alle andere eerstelijns zorgpersoneel voelen wij ons compleet in de steek gelaten. Wij zien niet slechts cijfertjes, maar gezichten, levens. Onze patiënten hebben verschillende achtergronden, maar we hebben veel mensen uit de arbeiderswijken, waar we onze praktijk hebben. In het begin waren er geen mondmaskers, geen beschermingsmiddelen. Nu willen regeringen geen gratis zelftesten beschikbaar stellen voor de bevolking. De afgelopen twee jaar hebben we het zelf moeten uitzoeken."

Nog een constante in deze crisis? "De gezondheidsmaatregelen zijn op maat gemaakt van het VBO (werkgeversorganisatie, n.v.d.r.), niet van de mensen. We moeten onze patiënten uitleggen dat ze in quarantaine moeten, terwijl ze hun toch al lage loon niet kunnen missen."

Sofie Merckx weet waarover ze praat, dankzij haar werk op het terrein, dat zich vervolgens vertaalt in haar parlementaire werk. Het is bovenal een collectieve inspanning. "Ik zou nooit de politiek zijn ingegaan zonder deze dimensie. Wat ik het liefste doe, is mobiliseren. Of dat nu bij Geneeskunde voor het Volk is, in de gemeenteraad van Charleroi of het federale parlement." Laten we beginnen bij het begin, alvorens dieper in te gaan op de verschillende stadia van haar loopbaan.

Sociale strijd: de openbaring

Sofie bracht haar jeugd door in Hoboken, een Antwerpse gemeente met een sterke metaalindustrie. Die mag dan wel een zegen voor de werkgelegenheid zijn, voor de volksgezondheid is ze dat beslist niet. "Het is een van de eerste gevechten van GVHV. De Union Minière (nu Umicore, n.v.d.r.) vergiftigde de plaatselijke bevolking door lood in de lucht te lozen. Mijn vader behandelde een aantal van deze mensen. Veel kinderen werden getroffen. Een van mijn klasgenoten werd hierdoor zelfs in het ziekenhuis opgenomen. Daarom bracht GVHV buurtbewoners en burgers uit andere plaatsen bijeen om deze vervuiling te bestrijden."

De fractieleider groeide op in een arbeiderswijk. Ze vond het er heerlijk. "Ik vond mijn buurt geweldig omdat we altijd buiten speelden met een boel andere kinderen. Het was er erg levendig. De vader van mijn beste vriendin was vuilnisman, ik had vriendinnen die dochters waren van arbeiders, werklozen, mensen die overal vandaan kwamen. Het was niet allemaal rozengeur en maneschijn, maar ik heb er goede herinneringen aan overgehouden."

Daarna gaat ze geneeskunde studeren, eerst in Antwerpen, daarna in Brussel (ULB). En dan komt het keerpunt. "In het midden van de jaren ‘90 kende België twee enorme sociale strijdbewegingen: bij Renault in Vilvoorde en bij Forges de Clabecq. Ik was actief in de studentenbeweging van de PVDA. Ik liep stage in Antwerpen en gebruikte mijn vrije tijd om samen met de arbeiders van Renault campagne voeren om hun fabriek open te houden. Het was een enorme schok: een bedrijf dat winst maakt, besluit plotseling te sluiten en zijn 3000 werknemers te ontslaan. De arbeiders, die vrij goed betaald werden, hadden leningen (huis, auto, enz.) die ze moesten afbetalen. Van de ene dag op de andere pakte men hun zuurverdiende centen af. Voor mij is het een openbaring: ik was van plan om mensen in derdewereldlanden te gaan verzorgen, maar toen besloot ik in België te blijven om mij hier voor de werkende klasse in te zetten.

Mobilisatie in de sociale huisvesting

Twee jaar na de sluiting van Renault Vilvoorde verhuist Sofie. "Ik ben naar Charleroi gekomen omdat GVHV jonge dokters nodig had. Ik was er daarvoor al twee keer geweest: om het Fotomuseum te bezoeken en om te betogen voor het behoud van de banen in de Forges de Clabecq", lacht ze nu. "Het begin was zwaar, niet omdat ik naar een andere streek verhuisde, maar omdat ik voor het eerst aan de slag ging in de wereld van de arbeid. Maar vanaf het moment dat ik aankwam, hebben de Carolo's me gesteund. Mijn patiënten hebben me zelfs aan een woning geholpen!"

Deze verhuizing vormt een ander keerpunt in het leven van de jonge dokter. "Ik was net verhuisd toen een brand een deel van een gebouw met sociale woningen verwoestte. We startten een petitie met de bewoners. Rond dezelfde tijd doodde een brand zeven mensen in Bergen in het Mésanges-gebouw. We wezen de pers erop dat het eerste gebouw ook gevaarlijk was. Daarna kwam de brandweercommandant langs om een verslag op te maken. Toen hij vertrok, beefde hij. Niets was in orde, er kon elk moment een drama plaatsvinden. Het heeft de stad veel geld gekost om de woningen aan de veiligheidsnormen te laten voldoen.

Haar komst naar Charleroi werd vergemakkelijkt door haar tweetaligheid. Taal is geen hindernis voor Sofie, die moeiteloos van de ene naar de andere taal omschakelt en makkelijk de debatten in het parlement volgt. Iets wat ze gemeenschappelijk heeft met haar voorganger. “Maar waar hij een Limburgs accent heeft in het Nederlands en een Luiks in het Frans, is het voor mij een van Antwerpen en Charleroi”, lacht ze.

20 jaar strijd tegen Big Pharma

Haar eerste jaren in Charleroi waren ook haar eerste jaren van strijd met GVHV voor toegankelijke gezondheidszorg voor iedereen. "Dirk Van Duppen (een van de pioniers van GVHV die in 2020 overleed, n.v.d.r.) had een boek geschreven in het Nederlands en was op zoek naar iemand om er een Franse versie van te maken. Zo nam ik in 2005 deel aan de presentatie van La Guerre des médicaments en werd ik als het ware het Franstalige gezicht van GVHV in de strijd tegen Big Pharma…"

Een strijd die tot op de dag van vandaag voortduurt. "Al in april 2020, een maand na het begin van de eerste lockdown, begonnen we met een campagne om ervoor te zorgen dat de pandemie niet de financiële belangen van Big Pharma zou dienen." "Geen winst op de pandemie" was geboren. De campagne, gericht op de opheffing van patenten op vaccins, wordt op Europees vlak geleid door PVDA-volksvertegenwoordiger Marc Botenga en federaal door Sofie Merckx.

Eerste PVDA-verkozene in Charleroi

Sofie Merckx was ook een pionier in de gemeenteraad van Charleroi. In 2012 werd ze het eerste gemeenteraadslid in le Pays noir. "Je moet het in de context van de tijd zien: aan de ene kant had de PVDA 3% behaald en aan de andere kant kwam Paul Magnette de stad en links redden", aldus de vrouw die in 2018 met het op één na hoogste aantal stemmen van de stad werd herkozen. "Intussen was de machtsverhouding veranderd. Tijdens onze eerste ambtstermijn was het ons samen met ons team van militanten al gelukt om burgers te mobiliseren via het principe Straat-Raad-Straat, onze werkwijze in de gemeenteraden. Maar vanaf 2018 zaten we met z'n negenen in de gemeenteraad, met 15% van de stemmen. In 2012 waren we nog het onschuldige klein duimpje, zes jaar later was dat wel anders."

Diversiteit van de woordvoerders

De terugkeer van authentiek links vindt overal in het land plaats en Sofie wordt in mei 2019 verkozen tot federaal volksvertegenwoordiger. Ze zet haar professionele en militante activiteiten voort en is energiek betrokken bij de parlementaire strijd, waar ze de kans krijgt om onderwerpen te behandelen die ze goed kent. Haar eerste toespraak gaat over de kleine Pia, de 10 maanden oude baby die een medicijn nodig heeft om te overleven en dat 1,9 miljoen euro kost. Te dure geneesmiddelen, het Zorgpersoneelfonds ("het resultaat van een buitengewone strijd van het zorgpersoneel, gesteund door de PVDA"), de opheffing van de patenten op coronavaccins, de strijd tegen het catastrofale beheer van de pandemie, ... De onderwerpen waarover de nieuwe PVDA-fractieleider zich uitspreekt, hebben meestal te maken met haar beroep als huisarts. Daarnaast maakt ze zich sterk voor het recht op abortus. Dit recht wordt namelijk voortdurend ter discussie gesteld. "Over de verlenging van de termijn van 12 tot 18 weken kon in het parlement worden gestemd, want we hadden het benodigde aantal parlementsleden. Maar alleen op papier. De politieke spelletjes van de zogenaamde progressieve verkozenen hebben ertoe geleid dat deze uitbreiding in de ijskast is beland."

Dat bewijst twee dingen: links in de regering, de socialisten en de ecologisten, had kunnen reageren maar verkoos om de principes te verloochenen om de rechtse partners niet voor het hoofd te stoten, én dat rechts een politiek tegen vrouwen voert. De N-VA en het VB hebben het bevriezen van de wet gesteund. We moeten druk blijven zetten, ook op straat, om die verlenging binnen te halen.”

Wat was haar reactie toen men haar vroeg om Raoul op te volgen? "De maatschappij wil ons doen denken dat vrouwen minder geschikt zijn dan mannen om (echte of vermeende) macht uit te oefenen. Maar ik vond dat ik de uitdaging moest aangaan om te laten zien dat vrouwen het ook kunnen. Vrouwen moeten nog altijd vechten voor gelijkheid. De strijd voor vrouwenrechten heb ik altijd in mij gehad. Ik ben dus trots om deze taak op te nemen. Het toont aan dat bij de PVDA de diversiteit van de leden weerspiegeld moet worden in de woordvoerders."