Trumps oorlog tegen Iran kostte werkende mensen gemiddeld al 241 euro extra aan de pomp
De prijzen aan de pomp gaan door het dak. Een handvol energiereuzen graait schaamteloos op het moment dat mensen al kopje onder dreigen te gaan door de prijsstijgingen.
De illegale oorlog tegen Iran joeg de prijzen aan de pomp door het dak. Gevolg: wie met de auto naar het werk moet, is na zeven maanden oorlog gemiddeld al 206 euro extra kwijt aan benzine, 241 euro aan diesel.
Blijven de prijzen zo hoog, dan loopt die rekening tegen het einde van het jaar op tot 338 euro extra voor benzine en 390 euro voor diesel.
Dat blijkt uit berekeningen die we maakten op basis van officiële cijfers van de FOD Mobiliteit en Statbel.
We roepen de regering op om de accijnzen op brandstof te verlagen, zodat werkende mensen weer wat financiële ademruimte krijgen.
Om dat te betalen, willen we de overwinsten van de oliemultinationals afromen.
Het is niet meer dan rechtvaardig dat we de overwinsten van deze oorlogsprofiteurs aanspreken om brandstof weer betaalbaar te maken.
Algemeen secretaris PVDA
“Wat werkende mensen aan de pomp ophoesten, maakt de oliemultinationals slapend rijk,” zegt Peter Mertens, algemeen secretaris van de PVDA.
Volgens Peter is dat geen toeval. “Grote monopolies grijpen crisissen als deze aan om de prijzen verder op te drijven. Niet om gestegen kosten te dekken, maar om hun winstmarges aan te dikken. Graaiflatie, dat is het: een handvol energiereuzen graait schaamteloos op het moment dat mensen al kopje onder dreigen te gaan door de prijsstijgingen.”
“Het is dan ook niet meer dan rechtvaardig dat we de overwinsten van deze oorlogsprofiteurs aanspreken om brandstof weer betaalbaar te maken”, besluit Peter.