We brengen de PVDA dichter bij jou en jou dichter bij de PVDA.!

Download onze app

Hitteplan: de bevolking beschermen en de oorzaken aanpakken

De extreem hoge temperaturen die we dit jaar al gekend hebben – maar ook rampen, zoals de zware overstromingen van juli 2021 – veranderen de manier waarop we over het klimaatbeleid denken. Naast het aanpakken van de oorzaken van de opwarming moeten we ook maatregelen nemen om iedereen te beschermen tegen de gevolgen: in de eerste plaats werkende mensen, kinderen, ouderen en de meest kwetsbaren. Dat is het doel van het hitteplan van de PVDA.

vrijdag 17 juli 2026

Een arbeider neemt een pauze in de hitte, met een fles water bij de hand

Deel onze carrousel op Instagram en Facebook

Inleiding: Hittegolven zijn een klassenkwestie

Vrijdag 26 juni, 17.00 uur. In de Henegouwse gemeente Boussu wordt een huisarts opgeroepen door de politie. In een woning is het 45 à 50 graden, zelfs de huisarts en twee politieagenten kunnen amper binnenblijven. Voor bewoonster Jocelyne Normand valt niets meer te doen. De huisarts kan alleen maar het overlijden van de 71-jarige vrouw vaststellen.

Vrijdag, 18.00 uur. In het Luikse ziekenhuis CHU Liège wordt een eerste persoon binnengebracht met een ernstige hitteslag, een vuilnisophaler van 41. “Ik was verontwaardigd”, zegt Alexandre Ghuysen, hoofd van de spoeddienst. “We hadden ons voorbereid op oudere mensen en plots komt er al iemand binnen die veel jonger is. De stijging is op vrijdag begonnen, en was exponentieel.”

Om middernacht telde het noodnummer 112 in België bijna 12.000 oproepen, tegenover 6.000 normaal.

De dag nadien, rond de middag, loopt de situatie helemaal uit de hand. De wachttijd loopt op tot 10 minuten. En dat is nog maar het gemiddelde. “Dat zijn onverantwoorde wachttijden”, zegt de adviseur-generaal respons bij de FOD Volksgezondheid.

“We zitten met een extreem personeelstekort”, zegt Jan, operator bij 112 Antwerpen. “We doen ons best, maar er is te weinig personeel om overal hulp te bieden.”

Een brandweercommandant getuigt: “In één appartement was het 45 graden. De bewoner was dood, gestorven aan de hitte. Zo waren er een tiental. We vonden hen dood in de zetel, op een stoel of in bed. Vaak op de bovenste verdieping, in slecht geïsoleerde en slecht geventileerde woningen.”

Woensdag 8 juli. De zes ministers van Volksgezondheid komen bijeen om lessen te trekken uit de aanpak van de hittegolf. Ze besluiten dat de capaciteit van het noodnummer versterkt moet worden, maar ook dat verder overleg nodig is. Dat volgt in september.1

Op de werkvloer moesten werknemers gewoon verder werken in mensonterende omstandigheden. Soms moesten ze zelfs op tafel kloppen om toegang te hebben tot water of om aangepaste uurroosters te krijgen bij deze extreme omstandigheden:

“In de bus liep de temperatuur op tot 50 °C. Toen een collega zei dat ze zich niet goed voelde, vroeg de directie haar: ‘Wil je dat we een ambulance bellen? Nee? Dan kan je toch verder rijden?’”, vertelt een buschauffeur.

Een zorgkundige in een rusthuis legt uit wat de extra fysieke en mentale druk betekent: “De fysieke inspanning wordt vele keren zwaarder. Je moet lichamen tillen en verplaatsen in intense hitte, en in ruimtes die vaak slecht geïsoleerd zijn. Daar komt nog een race tegen de klok bij tegen uitdroging: elk uur moet je elke bewoner laten drinken, kijken of er tekenen van een hitteslag zijn, ingedikt water uitdelen aan de mensen met slikproblemen … dat alles zorgt voor een constante mentale druk, bovenop een toch al zwaar uurrooster.”

“Vroeger kregen we water van het bedrijf, nu moeten we het zelf kopen”, vertelt een werkneemster uit de distributiesector.

In een bedrijf waar kleren worden gesorteerd: “Onze uren werden aangepast. Ze lieten ze ons om 14 uur stoppen, en iedereen was blij. Tot de directie zei: ‘Die uren moeten jullie wel nog inhalen.’ Toen was iedereen zwaar teleurgesteld.”

“In onze fabriek vallen werknemers flauw door de hitte. Maar de WBGT-thermometer die we verplicht moeten gebruiken om beschermingsmaatregelen te nemen, zegt dat we gewoon moeten doorwerken. We hebben geen enkel vertrouwen in dat toestel, we willen een afleesbare thermometer en eenvoudige regels om ons te beschermen”, schrijft ons een arbeider uit de automobielsector.

In andere fabrieken moesten werknemers 48 uur staken om airconditioning, fris water, aangepaste uurroosters en extra personeel af te dwingen. Elders verkreeg de vakbondsafvaardiging dat er meer pauzes kwamen en soms zelfs productiestops.

Een kassierster vertelde dat ze een hele dag moesten werken bij meer dan 40 °C, in een winkel die ventilators verkoopt... maar zij mochten er geen gebruiken.

Voor nog anderen is het financieel gewoon niet haalbaar om hun uren aan te passen: “De dag dat het 38 °C was, heb ik toch de bus genomen en ben ik zoals altijd vier huizen gaan poetsen. Ik werk met dienstencheques. Als ik niet kom werken, verdien ik niets. Dat kan ik me niet veroorloven, dus ik zet mijn gezondheid en mijn welzijn op het spel.”

Al deze getuigenissen vertellen dezelfde realiteit. Hittegolven zijn een klassenkwestie.

Als het buiten 35 °C is, wordt niet iedereen even zwaar getroffen. Sommigen kunnen werken in een kantoor met airco. Anderen klimmen in de volle zon op stellingen, poetsen oververhitte appartementen, rijden met bussen waarvan de airco defect is, tillen lasten in loodsen van meer dan 40 °C, verzorgen ouderen in rusthuizen of staan de hele dag achter een kassa.

Hittegolven treffen ook de meest kwetsbaren het hardst. VUB-klimatoloog Wim Thiery legde uit dat in België arbeiders (mensen zonder diploma hoger onderwijs) van boven de 60 jaar tijdens een hittegolf dubbel zoveel risico lopen om te overlijden als mensen die hoger onderwijs gevolgd hebben.2

De jongste hittegolf heeft dat op een brutale manier bevestigd. Tussen 18 juni en 3 juli 2026 stierven in België 2.000 mensen door de hitte, goed voor een oversterfte van 48%. In tegenstelling tot wat vaak wordt gedacht, zijn ouderen niet de enigen die sterven door de hitte: bij de 14- tot 64-jarigen bedroeg de oversterfte tijdens deze hittegolf 61,3%. Nooit eerder veroorzaakte een hittegolf zoveel doden in ons land — de oversterfte bereikte een niveau vergelijkbaar met de piek van de coronapandemie.

En toch bleef de regering toekijken.

Enkele dagen voor deze historische hittegolf deelde minister Theo Francken (N-VA) op sociale media nog een sneer uit: “Het is twee dagen warm en we gaan weer allemaal doodgaan precies. Man, man, die journalisten waar blijven ze die toch vinden. Geniet van het prachtig weer. En LEEF! Straks foto’s van zwembad, frisse Stella en barbecue.” Enkele dagen later noteerde België het hoogste aantal dagelijkse overlijdens sinds de eerste coronagolf en de dodelijkste hittegolf van de eeuw.

De spottende opmerking van Theo Francken is niet alleen een belediging voor alle families van de slachtoffers, maar ook voor de mensen die al in een zwaar beroep werken en essentieel werk doen, dat door de hitte gewoonweg ondoenbaar werd.

Het is ook een belediging voor de hulpverleners, die getuigen hoe moeilijk het was om elk slachtoffer bij te staan.

Maar het bericht van Theo Francken is niet zomaar een ietwat onhandige opmerking. Het weerspiegelt een politieke keuze die de onrechtvaardigheid en de belangen van de heersende klasse die hij verdedigt, moet verdoezelen.

Erkennen dat hittegolven in de eerste plaats werknemers treffen en een grote uitdaging vormen voor de volksgezondheid, de arbeidsomstandigheden en de sociale rechtvaardigheid, betekent ook erkennen dat er fors geïnvesteerd moet worden om de bevolking te beschermen. 

Dat vraagt om aangepaste werkplekken en duidelijke regels die werknemers beschermen, een eerstelijns hulp- en preventiedienst die voldoende wordt gefinancierd, extra middelen voor het KMI (Koninklijk Meteorologisch Instituut), een klimaatplan voor ziekenhuizen, woonzorgcentra en crèches, een schaduwplan en koele plekken in elke wijk, de renovatie van woningen en openbare gebouwen, meer groene ruimte, een plan voor zwembaden en zwemzones als onderdeel van een bredere toegang tot water in de openbare ruimte, en een versnelde omschakeling naar schone energie.

Maar dat soort investeringen staan rechtstreeks in concurrentie met de tientallen miljarden die de Arizona-regering vandaag aan de grote wapenbedrijven schenkt.

Terwijl werknemers gewoon bleven doorwerken in oververhitte ateliers, bussen of op werven, vergaderde de Arizona-regering in salons met airco. Na urenlang vergaderen hadden ze geen enkele concrete maatregel genomen. Geen nationale regels om werknemers te beschermen. Geen verbod op buitenwerk tijdens de warmste uren. Geen gecoördineerd plan. Het belangrijkste advies aan de bevolking bleef: “Drink water.”

Na afloop van de hittegolf organiseerde federaal minister van Klimaat Jean-Luc Crucke een vergadering van … 21 bevoegde ministers om een nationaal hitteplan op te stellen. Ze kwamen niet eens allemaal opdagen, en er werd niets concreets beslist. Na deze historische hittegolf, en terwijl een volgende zich al aftekent, zijn we nog altijd niet beter voorbereid.

Dat is onaanvaardbaar. Zeker omdat deze hittegolf helemaal niet onvoorspelbaar was. Wetenschappers waarschuwen al decennia dat de klimaatverandering hittegolven frequenter, langer en intenser zal maken. We zijn deze nieuwe realiteit binnengetreden.

Dat verandert onze manier van denken over klimaatbeleid. Naast de strijd tegen de oorzaken van de opwarming, moeten we ook onmiddellijk diegenen beschermen die er nu al de gevolgen van dragen. Beide strijdpunten zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Elke tiende graad opwarming die we vermijden, zal het aantal toekomstige hittegolven doen dalen. En elke zomer die eraan komt, vraagt evenzeer om concrete maatregelen om de bevolking te beschermen.

Dat is het doel van het ‘Hitteplan’ van de PVDA. Het steunt op één centraal idee: de crisis is collectief en raakt iedereen, dus kunnen de antwoorden niet individueel zijn. Bescherming tegen de hitte mag niet afhangen van de goodwill van een werkgever of van de mogelijkheid van elke mens individueel om z’n uurrooster aan te passen of zelf een airco te kopen.

Wij stellen een plan voor rond vier ambities die elkaar aanvullen: 

  • de werkende mensen onmiddellijk beschermen door hun werkomstandigheden aan te passen en hun rechten te respecteren
  • de meest kwetsbaren beschermen met één commandostructuur en solide preventie en eerstelijnsdiensten
  • aanpassingen doorvoeren om de impact van de reeds zichtbare gevolgen van de klimaatverandering te beperken
  • de oorzaken van de klimaatverandering aanpakken door de strijd ertegen te versnellen in plaats van de klimaatinvesteringen op te offeren aan de herbewapeningswedloop. 

A/ De werkende mensen beschermen: hun werkomstandigheden aanpassen en hun rechten respecteren

Doordat hittegolven door de klimaatverandering steeds frequenter voorkomen in België en ook intenser worden, vormen ze een groot risico voor de gezondheid op het werk. Meer mensen worden onwel en krijgen te maken met uitdroging en hittegerelateerde aandoeningen. Wij willen dat er samen met de vakbonden en de vakbondsdelegees een hitteplan in de bedrijven wordt uitgewerkt. Op basis van wat leeft op het terrein stellen we hier een reeks pistes voor.

Net als het Europees Vakverbond (EVV)3 vragen wij duidelijke regels over maximale werktemperaturen om de preventiemaatregelen strenger te maken.

Want vandaag beschermt de Belgische wetgeving de werknemers niet doeltreffend. Tijdens de hittegolf van eind juni 2026 werden de drempels uit de Codex over het welzijn op het werk ruimschoots overschreden, wat voor de meeste werknemers met fysiek werk of werk in ruimtes zonder airco verplichte pauzes had moeten inhouden. In de praktijk werden die maatregelen echter zelden toegepast.

Het probleem zit in het huidige systeem. De verplichtingen steunen op de WBGT-index, waarvoor een specifieke, dure thermometer nodig is, die zelden aanwezig is op de werkvloer. Werkgevers zijn niet verplicht om deze parameters permanent te meten, wat controles bemoeilijkt en de verantwoordelijkheid afschuift op de werknemers of de preventiecomités. Dit systeem versterkt de klassenongelijkheid, ten koste van wie fysiek werk verricht, of buiten of in slecht verluchte ruimtes werkt.

Hoe complexer een regel, hoe minder ze toepasbaar is en toegepast wordt. Wij stellen voor om de huidige regelgeving te vervangen door een eenvoudig, collectief en doeltreffend systeem, geïnspireerd op de beste Europese praktijken, opgebouwd rond drie maatregelen.

1. Beschermingsmaatregelen automatisch activeren op basis van de openbare gegevens van het KMI

Vandaag hangt de bescherming van werknemers ervan af of een werkgever de temperatuur op de werkvloer meet met een specifiek toestel, de natteboltemperatuurmeter (Wet Bulb Globe Temperature, of WBGT). In de praktijk gebeuren die metingen zelden, waardoor de bepalingen van de Codex over het welzijn op het werk tijdens hittegolven dode letter blijven.

Wij vertrekken van een eenvoudig principe: als een hittegolf het land treft, treft ze tegelijk duizenden werkplekken. Het is dus niet nodig dat elk bedrijf individueel de temperatuur meet. Het Koninklijk Meteorologisch Instituut (KMI) verzamelt nu al in realtime temperatuur- en vochtigheidsgegevens over het hele Belgische grondgebied, provincie per provincie. Die openbare gegevens moeten dienen om automatisch beschermingsmaatregelen te activeren.

Concreet krijgt het KMI de opdracht om waarschuwingen uit te sturen die de verplichte pauzes uit het arbeidsreglement activeren voor alle betrokken werknemers.4 We vereenvoudigen dit tot drie waarschuwingsniveaus: geel, oranje en rood. 

Code rood houdt een stopzetting in van alle niet-essentiële arbeid buiten en in niet-gekoelde ruimtes. Deze aanpak bestaat al elders in Europa. Eind juni verboden de autoriteiten in Genève en Griekenland buitenwerk tijdens de warmste uren.

Code oranje houdt meerdere rust- en werkonderbrekingen in, afhankelijk van hoe zwaar het werk is.

Code geel zou al voor alle jobs maatregelen garanderen om af te koelen, met een verplichte toegang tot drinkwater.

Een werkgever kan dan enkel van deze regel afwijken als hij met een schriftelijke nota en met de uitdrukkelijke instemming van de vakbondsafvaardiging via het Comité voor Preventie en Bescherming op het Werk (CPBW) – of, voor bedrijven zonder CPBW, via de sectorale vakbondssecretarissen – aantoont dat de werkplek dankzij airconditioning of andere koelsystemen onder de wettelijke drempels blijft. 

Omdat een duidelijke regel zonder iemand om ze te doen naleven nutteloos is, stellen wij voor om, met het oog op een betere bescherming van de werknemers, de wettelijke drempel voor een verplicht CPBW te verlagen van 50 naar 25 werknemers.

Deze hervorming keert de bewijslast om. Vandaag moeten de werknemers of het CPBW aantonen dat de hitte overmatig is. Morgen zou het de werkgever moeten zijn die moet aantonen dat de arbeidsomstandigheden veilig blijven.

2. De regels op de werkvloer vereenvoudigen met makkelijk meetbare temperatuurdrempels (zoals in Duitsland)

Naast de nationale drempels hebben we ook maatregelen nodig om werknemers op hun eigen werkplek te beschermen. Want als het buiten warm is, is de temperatuur binnen in fabrieken, magazijnen en slecht geïsoleerde gebouwen nog veel onleefbaarder.

De huidige regelgeving steunt op de WBGT-index, die rekening houdt met verschillende parameters (temperatuur, luchtvochtigheid, zonnestraling en luchtcirculatie). Om deze parameters te meten is een specifieke, dure thermometer nodig die zelden in bedrijven aanwezig is. In de praktijk is dit instrument, dat werknemers zou moeten beschermen, een hindernis voor hun bescherming geworden. Omdat de WBGT niet gemeten wordt, nemen veel werkgevers helemaal geen maatregelen.

Om beschermingsmaatregelen op de werkvloer te nemen, stellen wij voor om het huidige systeem te vervangen door wat in Duitsland gebeurt.5 Richtlijnen op basis van metingen met een gewone thermometer:

Vanaf 26 °C moet de werkgever preventiemaatregelen nemen: zonneweringen, ventilatie, koele dranken, beperking van warmtebronnen.

Vanaf 30 °C moet de arbeidsorganisatie aangepast worden, onder meer met extra pauzes, aangepaste uurroosters of het uitstellen van de zwaarste taken.

Vanaf 35 °C wordt een ruimte als ongeschikt voor werk beschouwd, tenzij specifieke beschermingsmaatregelen (aangepaste uitrusting) de veiligheid van de werknemers kunnen garanderen.

Dat zijn begrijpelijke drempels die makkelijk te controleren zijn door werknemers, CPBW’s en de arbeidsinspectie, en die de bescherming ook effectief maken.

3. Het recht om het werk te onderbreken wanneer de hitte gevaarlijk wordt

Wanneer de temperaturen te hoog oplopen, mogen werknemers niet moeten kiezen tussen hun gezondheid en hun inkomen.

In Spanje werd, na de dramatische overstromingen in Valencia in 2024, een recht ingevoerd om het werk te onderbreken bij ernstig weersgevaar, met behoud van loon.6 Dankzij dit betaald klimaatverlof moeten werknemers niet langer kiezen tussen hun loon en hun gezondheid wanneer de weersomstandigheden het werk gevaarlijk maken.

Wij stellen voor om ons op dit model te baseren. Wanneer het KMI een rood hittealarm afkondigt en het werk wordt stilgelegd, krijgen werknemers een gewaarborgd inkomen via de tijdelijke werkloosheid “overmacht door slecht weer”.7 Dit recht geldt ook voor zelfstandigen, via een uitbreiding van het overbruggingsrecht. 

B/ De meest kwetsbaren beschermen: één commandostructuur en extra middelen voor preventie en eerstelijnsdiensten

Op tijd alarm kunnen slaan

Om op tijd uit een brandend huis te kunnen vluchten, heb je een rookmelder nodig die je waarschuwt – desnoods midden in de nacht. Bij extreme weersomstandigheden is dat niet anders. Onze belangrijkste waarschuwingsdienst is het Koninklijk Meteorologisch Instituut (KMI).

Naast de weersvoorspellingen die we elke dag op onze smartphone raadplegen, waarschuwt het KMI ons ook voor hevige onweders, overstromingen en hittegolven. Als federaal onderzoeksinstituut publiceert het dagelijks de officiële meteorologische gegevens. Die gegevens kunnen ook dienen om automatisch beschermingsmaatregelen voor werknemers in werking te laten treden.

Maar een alarmsysteem werkt alleen als het goed onderhouden wordt. Daarom moet ook het KMI over voldoende middelen beschikken om zijn opdracht naar behoren te kunnen vervullen.

Maar de Arizona-regering is net het tegenovergestelde van plan.15 Ze wil snoeien in het budget van het KMI. Sinds 2012 verloor het KMI al 25% van zijn budget.

“Het KMI staat aan de top van de veiligheidspiramide”, legt directeur David Dehenauw uit. “Als we dat allemaal minder goed kunnen doen, dan lopen we het risico dat we een zware ramp missen. Het klimaat verandert intussen, wat het extra relevant maakt.”

Daarom vragen we dat de Arizona-regering de besparingen bij het KMI onmiddellijk stopzet.

Eerstelijnshulpdiensten financieren volgens de noden

Zodra een noodsituatie zich voordoet, moeten we kunnen rekenen op goed uitgeruste hulpdiensten. Maar net als veel andere openbare diensten kregen ook de brandweer en de dringende medische hulpverlening de voorbije jaren te maken met besparingen. Die hebben een zware impact gehad op de beschikbare middelen én op het personeel.

Op 21 juli, de nationale feestdag, voerde het gemeenschappelijk vakbondsfront een opvallende actie: het riep het operationeel personeel van de Brusselse Brandweer en Dringende Medische Hulp (DBDMH) op tot een volledige staking. De vakbonden klaagden onder meer de afbouw van de permanenties, het schrappen van interventievoertuigen en overplaatsingen zonder overleg aan. Ze verwijten de directie en de politieke verantwoordelijken ook dat eerdere engagementen niet werden nagekomen.

Volgens de vakbonden leiden minder voertuigen en minder personeel tot langere interventietijden, een grotere kwetsbaarheid tijdens piekmomenten, minder capaciteit om gelijktijdige zware incidenten op te vangen en een hogere fysieke en mentale belasting voor de hulpverleners.

“Voor onze veiligheid investeren we beter in hulpdiensten dan in F-35's”, zei de voorzitter van de brandweerfederatie onlangs.16 Hij stelde zich openlijk vragen bij “de miljarden die naar Defensie gaan, terwijl de echte dreiging bakken regen over onze steden uitstort. Wat heeft het voor zin ons voor te bereiden op hypothetische gevaren als we niet eens in staat zijn de gevaren aan te pakken die vandaag al voor onze deur staan?”

Sinds 2015 is het aantal brandweerlieden met 10 procent gedaald.17 Daarom willen wij de besparingen van de regering-Michel op de Civiele Bescherming terugdraaien en opnieuw investeren in de brandweer- en ambulancediensten.

Een sterke eerste lijn die inzet op preventie

Een van de belangrijkste lessen van de coronacrisis is dat we nood hebben aan een sterke eerste lijn die volop inzet op preventie en kwetsbare mensen van nabij opvolgt. Tijdens de hittegolf van juni zijn verschillende mensen, onder wie ouderen, alleen thuis overleden. Dat had voorkomen kunnen worden als de Arizona-regering de lessen uit de coronacrisis ter harte had genomen.

Ons preventieve gezondheidsbeleid blijft ondergefinancierd en schiet tekort, terwijl investeren in preventie gezondheidsproblemen kan voorkomen én de kosten van de gezondheidszorg doet dalen. Daarom pleiten wij voor een lokale preventiedienst in elk gezondheidsdistrict, met preventiewerkers die hun buurt en haar inwoners goed kennen.

Die teams spelen een cruciale rol tijdens hittegolven en andere klimaatgerelateerde crisissen. Ze brengen kwetsbare groepen – zoals ouderen, mensen met een chronische aandoening, jonge kinderen en sociaal geïsoleerde personen – in kaart, geven gerichte gezondheidsinformatie en leggen indien nodig huisbezoeken af. Daarnaast werken ze nauw samen met huisartsen, wijkgezondheidscentra, lokale besturen en sociale organisaties om gezondheidsrisico's snel op te sporen en aan te pakken.

In Borgerhout, waar de PVDA mee in het districtsbestuur zat, toonde een eerste proefproject al aan hoeveel meerwaarde zo’n lokaal preventiehuis kan bieden. De gezondheidskiosk is er drie dagen per week open en brengt gezondheidsinformatie en advies dicht bij de mensen.

Tijdens de hittegolf van juni startten ook de wijkgezondheidscentra van Geneeskunde voor het Volk een belcampagne naar hun oudste en meest kwetsbare patiënten. Ze gingen na hoe het met hen ging, gaven advies over de voorzorgsmaatregelen die ze konden nemen en bekeken of extra hulp nodig was.

Hoeveel mensen zijn er nodig om zulke lokale preventiediensten uit te bouwen, en wat zou dat kosten? Met vijf preventiewerkers per gezondheidsdistrict kunnen we al een groot verschil maken. Op nationaal niveau komt dat neer op ongeveer 550 preventiewerkers.

Tijdens het hoogtepunt van de coronapandemie stelde de overheid 1.100 contacttracers tewerk in callcenters. Waarom zouden we die middelen niet blijvend inzetten voor preventie?

Meer investeren in lokale preventie hoeft de overheid bovendien niet méér te kosten. Door gezondheidsproblemen te voorkomen of vroeger op te sporen, chronische aandoeningen beter op te volgen en preventie en begeleiding in de eerste lijn te versterken, kunnen heel wat ziekenhuisopnames en gespecialiseerde behandelingen worden vermeden.

De ziekenhuizen kampen vandaag al met een structureel personeelstekort en een chronische onderbezetting. Een sterke eerste lijn voorkomt daarom ook dat de druk op de gespecialiseerde zorg verder toeneemt.

Één commandostructuur om de crisissen aan te pakken

Net als tijdens de coronacrisis kregen we opnieuw de gevolgen te zien van de versnippering van de bevoegdheden en van het bekende Belgische deuntje “Het is niet mijn verantwoordelijkheid, het is de schuld van iemand anders.”

Hoewel de hittegolf van juni voorspeld was – het was al de tweede van 202611 – deed de overheid zo goed als niets. Er was wel een sms uitgestuurd om mensen te vragen water te drinken en zich te beschutten tegen de hitte. En federaal minister van Klimaat Jean-Luc Crucke riep drie dagen na het einde van de hittegolf een vergadering bijeen van de 21(!) Belgische bevoegde ministers. Een vergadering waarop zelfs niet iedereen aanwezig was – ze verkozen elk in hun eigen hoekje hun ding te doen.12

Het resultaat is dat België nog altijd geen nationaal hitteplan heeft.13 Nochtans toont onderzoek van de VUB aan dat zulke preventieplannen elders in Europa de oversterfte met 25% kunnen verminderen.14 Doordat ze het niet eens raken, zetten de Belgische ministers van Volksgezondheid en van Klimaat de gezondheid van de bevolking op het spel.

Zo zagen we bijvoorbeeld dat de minister van Volksgezondheid zei dat het Waals Gewest geen juridische bevoegdheid heeft om een noodtoestand uit te roepen in Wallonië, en dat het de gemeenten, provinciegouverneurs en de federale overheid zijn die dat kunnen doen. Tegelijkertijd zei de Waalse minister van Klimaat – die niet naar de vergadering van federaal minister Crucke was afgezakt – in commissie dat het plan van de minister nergens toe diende en er enkel was voor de communicatie.

Daarom willen wij de bevoegdheden inzake klimaat en volksgezondheid herfederaliseren, onder leiding van telkens één minister. Die ministers worden enerzijds belast met het zo snel mogelijk opstellen van een nationaal plan om hittegolven aan te pakken, en anderzijds met het coördineren van de eerstelijnszorg. Hitte en de impact op onze gezondheid stoppen niet aan de gewestgrenzen, net zomin als overstromingen, droogtes of broeikasgasuitstoot.

 

C/ Ons aanpassen aan steeds vaker voorkomende hittegolven en de gevolgen ervan beperken

Een grootschalig plan om woonzorgcentra, ziekenhuizen en crèches koel te houden

Er zijn talloze getuigenissen van kinderen en hun ouders, van patiënten of oudere bewoners, over de gevolgen van de hittegolf: uitdroging, zonnesteek en hitteslag, flauwvallen… Zaken die ook verpleegkundigen, leerkrachten, kinderverzorgers en zorgpersoneel treffen, want ook zij moeten in extreme temperaturen werken.

Een patiënte verwoordt het zo: “Je vraagt je af wat beter is: naar het ziekenhuis gaan voor je geplande behandeling en daar de hele dag in een ruimte van 35 °C zitten, of gewoon de behandeling laten vallen?”

Veel rusthuizen, crèches en kleuterscholen, ziekenhuizen en zorgcentra verkeren in slechte staat, zijn slecht geïsoleerd en beschikken niet over frisse ruimtes. Dat is een probleem voor de volksgezondheid en wordt al jaren aangekaart door de werknemers uit de sector. Rusthuizen uitrusten met verluchte en verkoelde ruimtes was een van de lessen die na de covid-19-pandemie werden getrokken.8

Om dit aan te pakken, willen we een airconditioningsplan voor rusthuizen, ziekenhuizen en crèches. Elke opvangplek voor jonge kinderen, patiënten of ouderen moet over een gekoelde ruimte beschikken — onmiddellijk met mobiele toestellen, en zo snel mogelijk op structurele wijze.

Zoals in Frankrijk gebeurde, waar onder druk van vakbonden en patiënten 30.000 airco’s ter beschikking van ziekenhuizen worden gesteld.9

Een noodmaatregel, die niet betekent dat er geen nood is om deze openbare gebouwen te renoveren en te isoleren, en er voldoende personeel aan te werven.

Een maatregel die de Arizona-regering had kunnen nemen, als ze de bevolking echt wilde beschermen. Met de 50 miljoen euro die Theo Francken uitgaf om spookdrones te bestrijden en zo paniek te zaaien,10 hadden we een echte dreiging kunnen aanpakken: 10.000 airco's aankopen en evenveel verkoelde ruimtes creëren in crèches, zorgcentra of rusthuizen. In private rusthuizen, ziekenhuizen en crèches is het aan de instelling zelf om in die airconditioning te investeren, terwijl er voor openbare instellingen overheidsgeld moet worden vrijgemaakt.

Toegankelijke koele plekken in elke buurt

Terwijl talloze mensen in hun woning, op school of op hun werk geen afkoeling kunnen vinden, zijn er tal van openbare gebouwen die wél koel zijn: musea, bibliotheken, administratieve centra, kerken, stations, gemeentehuizen... Net zoals de stad Parijs deed,18 willen wij een kaart van deze koelte-eilanden opstellen. De openingsuren van deze plekken moeten worden uitgebreid, zodat er kinderopvang kan worden georganiseerd, of kan worden getelewerkt of gestudeerd, of gewoon om er even op adem te komen.

Alle mensen moeten dicht bij huis een koele plek hebben waar ze naartoe kunnen bij hevige hitte. Zo’n kaart maakt het mogelijk om buurten en gemeenten te identificeren die geen koele plekken hebben, en daar private plekken, zoals bioscopen of winkelcentra, publiek toegankelijk te maken.

Een ‘schaduwplan’ voor straten, pleinen en speelplaatsen

In steden hoopt de hitte sneller op en verdwijnt ze trager. Gebouwen, straten, pleinen of schoolspeelplaatsen die aan de zon blootgesteld zijn, warmen sneller op en houden de warmte vast.

Om dit aan te pakken, hebben Spaanse steden — die al langer met hoge temperaturen te maken hebben — eenvoudige en doeltreffende maatregelen genomen: schaduw creëren.19 In straten of boven pleinen kunnen schaduwdoeken de temperatuur met 5 tot 10 graden verlagen, zowel in de openbare ruimte als in de aangrenzende woningen.20

Wij willen een schaduwplan. Schaduwdoeken spannen is een maatregel die snel kan worden ingevoerd, in drukke straten, op openbare pleinen of op schoolspeelplaatsen waar kinderen in de volle zon staan.

Gebouwen renoveren

We zijn niet allemaal gelijk tegenover hittegolven, want de kwaliteit van de woning is verre van gelijk. Een zwembad of een tuin met bomen hebben, of net een slecht geïsoleerd dakappartement, dat maakt een groot verschil in hoe je een hittegolf ervaart. Sommige mensen sliepen zelfs buiten, omdat het in hun slecht geïsoleerde woning als een bakoven aanvoelde. “Mijn buurman sliep buiten met zijn kinderen, en ik heb ook gezien hoe ouderen probeerden te slapen onder de bomen”, vertelt een man uit Herstal.

In het onderwijs verwacht men van leerlingen dat ze dezelfde resultaten behalen en geconcentreerd blijven, alsof het niet meer dan 30 °C is in de klas. Onderzoek heeft al aangetoond dat hitte een negatieve impact heeft op bijvoorbeeld de wiskunderesultaten in de PISA-scores van leerlingen.21 Kansarme leerlingen, die niet in een koel huis wonen, zijn minder goed uitgerust en worden nog harder getroffen.

Gebouwen isoleren zorgt niet alleen voor meer comfort, het is ook een manier om te besparen op verwarming en airco, en dus om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen. 

Woningen en gebouwen renoveren en isoleren is bovendien noodzakelijk om de opwarming van de aarde af te remmen en zo de toename van extreme weersomstandigheden – zoals hittegolven – te beperken. Om de klimaatdoelstellingen voor 2050 te halen, moet 99% van de woningen en 94% van de appartementen grondig worden gerenoveerd.

Daarom willen we de renovatie publiek en collectief in handen nemen, met een grootschalig renovatieplan voor openbare gebouwen en woningen, gebaseerd op een systeem van derdebetalers en een openbare bank:

  • Openbare gebouwen renoveren, te beginnen met scholen, zorgcentra en rusthuizen, om ze aan te passen aan de nieuwe klimaatomstandigheden en ze leefbaarder te maken.
  • Woningen renoveren, straat per straat, wijk per wijk. Door het systeem van openbare derde-investeerder uit te bouwen, zodat alle gezinnen werken voor beschermende maatregelen kunnen uitvoeren, niet enkel zij die het zich kunnen veroorloven. Een derde-investeerderprogramma opzetten (de overheid schiet de kosten van de werken voor en betaalt zichzelf terug via de energiebesparingen) en de renovaties plannen. Dit bestaat al in verschillende Duitse steden, en dit stellen wij al jaren voor,22 net als de hele Europese linkerzijde23 en het middenveld. In Duitsland kon de openbare bank KfW dankzij dit systeem tussen 2006 en 2016 de renovatie van 4 miljoen gebouwen financieren, zonder dat mensen ook maar één euro extra moesten uitgeven. Naast beter geïsoleerde woningen, die dus minder opwarmen tijdens een hittegolf, zorgde dit programma voor een besparing van negen miljoen ton CO2 en droeg het zo bij aan het beperken van de klimaatopwarming en toekomstige hittegolven. Bovendien creëerde dit programma 320.000 banen in tal van sectoren, waaronder de bouwsector.24

Na decennia van besparingen en ontoereikende, ondoeltreffende premies zal het nog jaren duren om alle gebouwen die het nodig hebben te renoveren. Maar we kunnen nu al eenvoudige maatregelen nemen: zonneweringen en hittewerende gordijnen verdelen en de installatie van rolluiken vergemakkelijken. De Franse stichting voor de huisvesting van kansarmen becijferde bijvoorbeeld dat dergelijke eenvoudige beschermingsmaatregelen de binnentemperatuur van een gebouw nu al met 4 tot 5 °C kunnen verlagen.25

Volgens een studie verminderen gesloten luiken de instraling van de zon met 60 tot 80 procent. Daardoor kan de binnentemperatuur 3 tot 5 °C lager liggen dan in een kamer zonder zonwering. In combinatie met een goede nachtelijke ventilatie zorgen ze ervoor dat een woning tussen 24 en 26 °C kan blijven, terwijl het buiten 38 °C is. En dat allemaal tegen een werkingskost van… nul euro.

Een plan om alle ramen van luiken te voorzien, is trouwens ook voorgesteld door de Franse Communistische Partij (PCF) tijdens de gemeenteraadsverkiezingen in Parijs. De kostprijs werd geraamd op 5 miljoen euro: honderd keer minder dan de kost van één enkele van de 45 F-35-gevechtsvliegtuigen die Theo Francken heeft aangekocht.

De installatie van ventilatoren, het invoeren van boetes en het uitvoeren van thermische audits: dat zijn enkele maatregelen die verenigingen in Frankrijk recent, dankzij hun strijd, hebben afgedwongen om huurders van woningen die te warm worden, te beschermen.

Een andere zeer doeltreffende en relatief goedkope maatregel is de aanleg van daken met reflecterende oppervlakken en groendaken. Een wetenschappelijke studie onderzocht de impact van de hittegolf van 2019 in België en berekende dat de uitrol van zulke daken een kwart van de sterfgevallen door die hittegolf in Brussel had kunnen voorkomen.

Straten en gebouwen vergroenen

Het verschil tussen een straat, plein of speelplaats mét of zonder bomen kan oplopen tot 10 °C. Bomen zijn natuurlijke airco’s. Groen en onverharde ruimtes zijn ook onze beste bondgenoot tegen droogte en overstromingen, doordat ze water opnemen en vasthouden.

Alles begint met het heraanplanten van bomen in straten, op pleinen en op speelplaatsen. Om sneller te gaan en ook in smalle straten te kunnen ingrijpen, willen wij de aanplant van klimplanten tegen gevels ondersteunen, waarbij de gemeentediensten zorgen dat ze uitgedeeld en geplaatst worden.

Dat zijn eenvoudige, gekende en heel goedkope maatregelen. Toch gebeurt vaak net het tegenovergestelde. Zoals in Deurne, waar de lokale overheid ondanks het verzet van bewoners en verenigingen bomen wil blijven kappen zonder noodzaak,26 of zoals in Seraing, waar wij samen met de bewoners strijden tegen kapprojecten.27

Veel pleinen die niet eens als parkeerplaats worden gebruikt, hebben geen enkele boom of schaduwzone. Dat is bijvoorbeeld het geval bij de zonet voltooide renovatie van het Brusselse Schumanplein, waar geen enkele boom of schaduw voorzien werd. “Het lijkt wel een braadpan", zeggen sommigen — een symbool van hoe onvoorbereid België en Europa zijn op de klimaatontwrichting. Het resultaat van zulke renovaties: ruimtes die bij elke hittegolf onbruikbaar zijn.

Toegang tot water verzekeren

Als het erg warm is, is verkoeling een basisbehoefte. Bovendien helpt de aanwezigheid van waterpartijen in de openbare ruimte sterk om de temperatuur plaatselijk te verlagen. 

Er moet voldoende toegang tot water in de openbare ruimte komen, met genoeg infrastructuur waarvan de locatie duidelijk aan de bevolking wordt gecommuniceerd. 

Door het gebrek aan toegang tot water in de openbare ruimte en een gebrekkige communicatie werden verschillende kinderen in Jette ziek nadat ze gespeeld en verkoeling gezocht hadden in de enige infrastructuur die ze in hun buurt konden vinden.

  • Een renovatie- en uitbreidingsplan lanceren voor overdekte en openluchtzwembaden. Wij willen in elke grote Belgische stad — Antwerpen, Brussel, Luik, Charleroi en Gent — een groot openluchtzwembad openen. 
    Frankrijk lanceerde in de jaren 1970 zo’n plan: een nationaal programma zorgde ervoor dat honderden openbare zwembaden werden geopend, om tegen te gaan dat mensen verdronken in andere wateren en zo konden ze ook meer zwemlessen aanbieden.28 
    Er is ook nood aan een plan om meer openluchtzwemzones mogelijk te maken in rivieren, vijvers en meren.
    Zo'n zwemplan is hard nodig, want het aantal binnen- en openluchtzwembaden én officiële zwemzones in de drie gewesten is veel te beperkt. In Wallonië zijn er 31 officiële openluchtzwemzones, waarvan er slechts 24 toegankelijk zijn voor het publiek. Ook het aanbod aan zwembaden schiet tekort. Volgens de zwemfederatie zijn er grote tekorten in regio's zoals Doornik-Aat, La Louvière-Zinnik, Waver-Jodoigne en Chimay-Philippeville-Couvin. Ook in Charleroi en Namen is het aanbod ruim onvoldoende.
    Een inwoner van Sambreville getuigt: “In Sambreville is geen enkel openbaar zwembad meer open. Als ik wil zwemmen of me tijdens een hittegolf gewoon wil afkoelen, moet ik met de auto of het openbaar vervoer naar Farciennes of Fleurus.”
    In Brussel is de situatie nog schrijnender: er is geen enkele openluchtzwemplek in open water meer. 
    Ook in Vlaanderen blijft het aanbod aan zwembaden ontoereikend, zelfs al wordt het verbod op zwemmen in open water versoepeld. Dat maakt het des te belangrijker dat iedereen van jongs af aan leert zwemmen.
    Het tekort aan zwemzones is niet alleen een sportief probleem, maar ook een kwestie van onderwijs, veiligheid en sociale gelijkheid. Met ongeveer één zwembad per 40.000 inwoners kunnen lang niet alle scholen hun leerlingen degelijk zwemonderwijs aanbieden. Volgens Serge Mathonet, directeur van de vereniging van Waalse sportcentra, verlaat ongeveer een derde van de leerlingen de basisschool zonder ooit zwemles te hebben gekregen.
    Het gebrek aan veilige zwemplekken vormt ook een veiligheidsrisico. Wanneer de hitte ondraaglijk wordt, zoeken vooral jongeren verkoeling in rivieren, vijvers en meren die niet bewaakt zijn, niet zijn ingericht om in te zwemmen of waar zwemmen zelfs verboden is. In combinatie met het tekort aan zwemonderwijs kan dat dramatische gevolgen hebben. Tijdens de hittegolf van juni verdronken twee 17-jarigen in een meer in Sprimont en kwam ook een 16-jarige om het leven in de Grand Large in Bergen.
    Dat België vandaag zo weinig zwemzones telt, is nochtans geen natuurwet. In de jaren 1950 en 1960 was het heel gewoon dat gezinnen gingen zwemmen in rivieren zoals de Maas, de Ourthe en de Samber. Later verslechterde de waterkwaliteit sterk door de lozing van onvoldoende gezuiverd afvalwater door de industrie en de snelle verstedelijking. Maar de voorbije dertig jaar is de waterkwaliteit opnieuw aanzienlijk verbeterd dankzij strengere milieunormen en betere waterzuivering.
    Hoe komt het dat het aanbod aan zwembaden en openluchtzwemzones in de drie gewesten zo beperkt is? Voldoende zwemgelegenheid voorzien voor de bevolking is in de eerste plaats een politieke keuze.
    Het huidige en vroegere beleid heeft geleid tot de sluiting van zwembaden in provinciale recreatiedomeinen29, de schrapping van het openluchtzwembadproject in Brussel30 – ondanks de zinloze afbraak van Océade enkele jaren geleden –, eindeloos aanslepende renovatiewerken31 en, meer in het algemeen, het ontbreken van een gecoördineerd plan tussen de drie gewesten.
    Dat voldoende zwemzones wel degelijk een politieke keuze zijn, bewijzen steden als Kopenhagen, waar inwoners kunnen zwemmen in de haven, en ook Parijs en Bazel. Hetzelfde stellen wij voor in Mechelen.32
  • Wij willen de installatie van waternevelaars, drinkfonteintjes, plonsbaadjes en waterspeelplekken voor kinderen op openbare pleinen.
  • Toegang tot water en openbare sanitaire voorzieningen (wc’s en douches) is een kwestie van waardigheid en gezondheid voor de meest kwetsbaren. Wij willen een einde maken aan de besparingen die verenigingen treffen die zich om de meest precaire mensen bekommeren, en hun net méér middelen geven om koele opvangplekken voor mensen in moeilijkheden te openen en te begeleiden.
  • Wanneer het KMI een hittealarm afkondigt, willen wij dat de tarieven van openbare zwembaden, provinciedomeinen en private waterparken gehalveerd worden. En gratis worden bij een oranje of rood alarm, zoals in Amsterdam gebeurde voor openluchtzwembaden33 en in verschillende Franse steden.34
  • Meer infrastructuur voor toegang tot water in de openbare ruimte is nodig, maar moet gepaard gaan met duidelijke communicatie op gemeentelijk niveau naar de bevolking over waar de dichtstbijzijnde infrastructuur bij hen thuis of op hun werkplek te vinden is. 

D/ Strijden tegen de klimaatverandering, niet de oorlog voorbereiden

Een plan om ons te beschermen tegen hittegolven en om onze leefomgeving eraan aan te passen, is onmisbaar. Maar de beste manier om te vermijden dat hittegolven steeds vaker voorkomen en steeds intenser worden, is de oorzaak aanpakken: de klimaatverandering.

En achter de bron van het probleem schuilt ook een sterke klassendimensie: het zijn niet wij, de werkende klasse, die beslissen over de productiekeuzes die ons vandaag opzadelen met een nog warmer klimaat, en het geïnvesteerde geld gaat momenteel niet naar een economie die afstapt van koolstofuitstoot, maar naar oorlog.

In hun voortdurende jacht op steeds meer winst veroordelen grote bedrijven – en in de eerste plaats de energiebedrijven – ons vandaag tot een veel te hoge uitstoot van broeikasgassen. In België zijn twintig private bedrijven verantwoordelijk voor een derde van de Belgische broeikasgasuitstoot. Amper vier multinationals — ExxonMobil, ArcelorMittal, BASF en TotalEnergies — zijn verantwoordelijk voor 20% van de uitstoot, evenveel als de verwarming van alle gebouwen in het land samen.

We zien het: de klimaatopwarming versnelt, en de gevolgen ervan zijn nu al zichtbaar in België. Hittegolven worden langer, frequenter en heviger. Elke tiende graad extra verhoogt het risico op extreme weersgebeurtenissen en brengt de gezondheid, de arbeidsomstandigheden en de levenskwaliteit van de bevolking verder in gevaar.

Dat maakt actie des te noodzakelijker, want elke tiende van een graad telt en onze toekomst hangt nog altijd in grote mate af van de collectieve keuzes die we vandaag maken.

De klimaatmodellen, onder andere ontwikkeld door de VUB,35 maken het mogelijk om concreet te meten wat dit betekent. 

Een kind dat in 2020 in Brussel geboren is, zal tijdens zijn leven ongeveer 11 hittegolven meemaken als de globale opwarming beperkt blijft tot 1,5 °C. Dat is nu al meer dan wat zijn ouders hebben meegemaakt. Als de broeikasgasuitstoot echter aan het huidige tempo blijft doorgaan, zou datzelfde kind tussen 18 en 26 hittegolven kunnen meemaken tijdens zijn leven. 

De klimaatopwarming beperken betekent dus concreet het aantal hittegolven verminderen, maar ook andere extreme klimaatverschijnselen, zoals overstromingen, droogte en bosbranden, waarmee toekomstige generaties zullen worden geconfronteerd.

We staan dus voor een maatschappelijke keuze. Om de bevolking te beschermen, moeten we massaal investeren in de ecologische transitie. Maar dan wel een sociaal rechtvaardige transitie, die vertrekt vanuit de belangen van de werkende klasse. Die zorgt niet alleen voor minder hittegolven en overstromingen in de toekomst, ze kan ook onze levenskwaliteit vandaag al aanzienlijk verbeteren.

Er valt een betere samenleving te winnen: met betrouwbare treinen zonder vertragingen, een hoge frequentie en betaalbare tarieven; met een performant en gratis openbaar vervoer van De Lijn, de TEC en de MIVB; met woningen die goed geïsoleerd zijn zonder dat gezinnen daarvoor zelf moeten opdraaien voor de kosten, zodat we beschermd zijn tegen zowel koude als hitte; met koolstofvrije energie waarvoor we niet langer de buitensporige winsten van een handvol aandeelhouders betalen; en met een industrie die wordt verduurzaamd en tegelijk kwaliteitsvolle jobs creëert.

Maar vandaag maken de Europese regeringen de omgekeerde keuze. Terwijl ze al jarenlang beweren dat er geen geld is voor klimaat, gezondheidszorg of openbare diensten, maken ze in enkele maanden tijd honderden miljarden euro vrij voor de bewapeningswedloop. De nieuwe Navo-norm, die voorziet dat 5% van het bbp naar defensie moet gaan, vertegenwoordigt bedragen die veel hoger liggen dan de investeringen die nodig zijn om de klimaattransitie op gang te trekken.

Nog vóór hun nieuwe investeringen in oorlogvoering waren de verschillende regeringen van de traditionele partijen al veroordeeld wegens hun gebrek aan klimaatbeleid. Recent nog verklaarde federaal minister van Economie David Clarinval (MR) dat hij de klimaatambities waartoe de Belgische staat zich nochtans had geëngageerd, wilde terugschroeven.

Het gaat niet enkel om een budgettaire kwestie. Oorlog en de voorbereiding erop steunen zwaar op fossiele energie. Legers behoren tot de grootste olieverbruikers ter wereld. Tanks, gevechtsvliegtuigen, oorlogsschepen en de wapenindustrie zijn afhankelijk van fossiele brandstoffen, terwijl conflicten infrastructuur vernietigen, branden veroorzaken en blijvende vervuiling met zich meebrengen.

Alleen al de militarisering van Europa zouden de broeikasgasuitstoot van het continent met 12% kunnen doen stijgen — het equivalent van de uitstoot van de verwarming van alle Europese woningen samen. 

Je kan niet beweren dat je strijdt tegen de klimaatverandering en tegelijk een nieuwe wapenwedloop organiseren. Elke euro die naar militarisering gaat, is een euro die ontbreekt om de bevolking te beschermen tegen hittegolven, onze steden aan te passen, de openbare diensten te versterken of de energietransitie te versnellen. Dat is de echte keuze: investeren in oorlog, of investeren in onze toekomst. 

Een samenleving opbouwen die de klimaatverandering aanpakt, betekent dat vrede, ecologische transitie en de bescherming van de bevolking politieke prioriteiten moeten worden.

1 “De ziekenhuizen zeiden dat de ambulances niet zo snel mochten komen. Ze konden het niet aan”, De Standaard, zaterdag 11 juli 2026

2 https://www.youtube.com/watch?v=QYqB_CUds7A (minuut 10)

3 https://fr.euronews.com/sante/2026/06/25/des-syndicats-europeens-reclament-des-pauses-fraicheur-pour-les-salaries-face-a-la-canicul

4 https://werk.belgie.be/nl/themas/welzijn-op-het-werk/omgevingsfactoren-en-fysische-agentia/thermische-omgevingsfactoren/hoe

5 https://www.publicsenat.fr/actualites/international/espagne-italie-pays-bas-allemagne-quelles-mesures-prennent-les-autres-pays-europeens-pour-sadapter-aux-fortes-chaleurs

6 https://www.franceinfo.fr/replay-jt/france-2/20-heures/le-conge-climatique-applique-en-espagne-peut-il-etre-une-solution-face-a-la-canicule_8076362.html

7 https://www.rva.be/werkgevers/tijdelijke-werkloosheid/tijdelijke-werkloosheid---slecht-weer

8 https://www.lacsc.be/docs/default-source/acv-csc-docsitemap/6000-centrales/6650-secteurs-(aperçu-avec-liens)/non-marchand/covid-19/20200703_cocom_circulaire_mr-mrs_plan_canicule_covid-19.pdf?sfvrsn=f75b984d_0

9 https://www.franceinfo.fr/replay-jt/franceinfo/12-13-info/les-hopitaux-ont-ete-majoritairement-construits-dans-les-annees-1960-1980-et-se-sont-transformes-avec-les-canicules-en-serres-denonce-thierry-amouroux-porte-parole-du-syndicat-national-des-professionnels-infirmiers-snpi_8086736.html

10 https://www.pvda.be/nieuws/dronegate-onze-45-vragen-aan-francken-die-onbeantwoord-blijven-na-het-debat-de-commissie

11 https://www.rtbf.be/article/meteo-en-belgique-le-pic-de-chaleur-de-la-semaine-c-est-pour-aujourd-hui-11729723

12 https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2026/06/25/hittegolf-politiek-klimaatbeleid-adaptatie/

13 https://www.rtbf.be/article/si-on-ne-s-adapte-pas-on-connaitra-encore-ce-que-l-on-vit-aujourd-hui-le-ministre-federal-du-climat-veut-une-meilleure-coordination-entre-les-regions-11746363

14 https://www.vub.be/nl/nieuws/hitteactieplannen-redden-duizenden-levens-in-europa

15 https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2026/06/30/besparingen-bij-kmi-brengen-kerntaken-in-gevaar-zegt-dehenauw/

16 https://www.rtbf.be/article/la-revue-de-presse-est-il-plus-urgent-d-investir-dans-les-services-de-pompiers-que-dans-de-nouveaux-f35-11733091

17 https://www.rtl.be/actu/belgique/societe/nous-allons-droit-dans-le-mur-si-nous-ny-sommes-pas-deja-apres-les-inondations/2026-06-01/article/790269

18 https://experience.arcgis.com/experience/97a1ee11f50e4c36afb48b93007b4fb8

19 https://www.science-et-vie.com/nature-et-environnement/refuges-climatiques-pourquoi-lespagne-est-deja-une-reference-mondiale-en-matiere-de-lutte-contre-les-chaleurs-extremes-246494.html

20 https://www.touteleurope.eu/environnement/toiles-d-ombrage-galeries-patios-systeme-de-refroidissement-comment-les-villes-europeennes-se-reinventent-pour-s-adapter-a-la-hausse-des-temperatures/

21 https://www.sciencedirect.com/science/article/abs/pii/S0883035525002459

22 https://www.pvda.be/programma/recht-op-renovatie

23 https://left.eu/issues/a-european-manifesto-for-housing-justice/

24 https://www.kfw.de/PDF/Download-Center/Konzernthemen/Research/PDF-Dokumente-alle-Evaluationen/Monitoringbericht_EBS_2016.pdf

25 https://questions.assemblee-nationale.fr/q17/17-16462QE.htm

26 https://www.pvda.be/pers/bomenkap-deurne-pvda-roept-vooruit-op-om-n-va-schepen-koen-kennis-te-stoppen

27 https://seraing.ptb.be/programme/seraing-ville-qui-prot%C3%A8ge-et-pr%C3%A9serve-sa-for%C3%AAt-et-sa-nature

28 https://fr.wikipedia.org/wiki/Piscine_Tournesol

29 https://brabantwallon.ptb.be/actualites/le_ptb_souhaite_le_maintien_d_une_zone_de_baignade_au_bois_des_reves

30 https://bx1.be/categories/reportages/baignade-en-plein-air-ou-en-sont-les-projets-bruxellois/

31 https://www.dhnet.be/regions/namur/2024/11/15/la-reouverture-de-la-piscine-de-jambes-retardee-le-ptb-accuse-T7JIOWLN7JG7BILMBLWSS7RHGM/

32 https://mechelen.pvda.be/nieuws/big-splash-mechelen-heeft-meer-zwemwater-nodig

33 https://infos.rtl.lu/news/monde/piscines-gratuites-ecoles-fermees-epreuves-du-bac-decalees-637414838

34 https://www.franceinfo.fr/environnement/evenements-meteorologiques-extremes/vagues-de-chaleur-canicules/canicule-des-piscines-gratuites-ou-a-un-euro-dans-plusieurs-villes-et-departements-francais_8074166.html

35 https://press.vub.ac.be/vub-professor-wil-impact-van-klimaatverandering-doorheen-levensloop-in-kaart-brengen